Alle artikelen uit Boeken

Het strafbare lichaam

Er zijn geen ongeneeslijke ziekten, alleen maar ongeneeslijke mensen’ stelt de kankerchirurg Berny Siegel. Samen met andere vertegenwoordigers van wat Karin Spaink ‘de orenmaffia’ noemt, meent hij dat ziek of gezond zijn vooral ‘tussen de oren’ wordt bepaald.
Publiciste Karin Spaink, zelf multiple sclerose-patiënte, verzet zich tegen de idee dat ziekte een fout is in de persoonlijkheidsstructuur. Zij geeft een heldere analyse van de new age-theorieëen die ziekte tot een hoogst individuele en met schuld beladen aangelegenheid maken. Hoe het medische verband tussen lichaam en geest mogelijk wel in elkaar zit, verkent zij in het tweede deel van Het strafbare lichaam.

Aan hartstocht geen gebrek

Mensen met een lichamelijke handicap laten op een ontwapenende manier zien hoe zij met hun lichaam omgaan en er plezier aan beleven. Alleen of samen, ieder op eigen wijze in eigen omgeving. Zij poseren zonder spoor van heimelijkheid of schaamte. De tekst onderstreept dat. Hoe gehandicapten hun lichaam ervaren, er soms mee vechten maar er ook mee verleiden en ervan genieten, wordt openhartig beschreven. Dit boek wijkt daardoor af van de gangbare wijze waarop naar hen wordt gekeken: als onderwerp van zorg of medelijden, stiekem of met schroom. Het maakt duidelijk dat een handicap hebben niet betekent dat het lichaam afgeschreven is, tot ballast verworden: het mag dan soms anders functioneren, het functioneert wel degelijk - ook seksueel.

De Venus van Milo in de betonmolen

De Venus van Milo in de betonmolen geeft de lezer zowel een ervaring als een analyse van erotiek. Het beoogt bouwstenen aan te reiken, voedsel voor eigen fantasieën te leveren. Het is een boekje om in te dwalen, een boekje om te proeven. De tekst en de afbeeldingen, de aanwijzingen voor muziek in de kantlijn, ze zijn allemaal bedoeld als suggesties waarmee de lezer een rijkdom aan indrukken kan opdoen. Ingrediënten die zij op zich in kunnen laten werken en zich toe kunnen eindigen.

Pornografie: bekijk het maar

Toen pornografie in de jaren zestig uit de illegale sfeer kwam, werd dat algemeen als emancipatie gezien. Maar de vrouwenbeweging die zich sindsdien ontwikkelde, herkende de discriminatie en onderdrukking die pornografie inhoudt. Acties tegen seksshops bijvoorbeeld maakten dit voor het publiek duidelijk. Intussen wordt de discussie over pornogarfie in brede kring gevoerd.
In deze bundel analyseren Karin Spaink, Beverley Brown, Rosalind Coward, Gerard van oord en Andrea Dworkin vanuit verschillende invalshoeken het karakter van diverse vormen van pornografie. Ook komen randgebieden als modefotografie, reclame en film aan bod. Een interessante ‘toegift’ wordt gevormd door een analyse van de Bouquetreeks, waarin vrouwelijke lezers een natuurlijk verband tussen seks en geweld wordt voorgespiegeld. Tot slot bespreekt Heleen Buijs de mogelijkheden en onmogelijkheden van de wetgeving en discussiëren vijf vrouwen uit de beweging over de strategieën in de strijd tegen pornografie.