Alles verschenen in: Boeken

De dood in doordrukstrip

Nederland denkt dat het nuchter en verstandig met de dood omspringt. Tegelijkertijd vallen we als een blok voor de kitsch van euthanasie – het romantische beeld van de zieke die, omringd door intimi, bij zijn volle verstand zijn kaars laat uitblazen – en schrikken we ons rot als informatie over hoe je zelfmoord kunt plegen, vrij voorhanden blijkt. We willen de pil van Drion, maar slepen artsen die hem voorschrijven voor de rechter en halen middelen die zelfmoord op enigszins zachte wijze mogelijk maken, ijlings van de markt. We verdoezelen dat er meer mensen door zelfmoord sneuvelen dan door het verkeer en willen niet weten dat tachtigjarigen vaker zelfmoord plegen dan jongeren. Wat we bovenal niet willen zien, is dat de dood steeds meer gemedicaliseerd raakt.

De man met de hamer (toneel)

Toneelgroep Hollandia organiseerde de slotavond van het Holland Festival in 1998 en gebruikte daarvoor Paradiso, de Stadsschouwburg en de weg tussen die twee, en vulde daarmee acht uur met vertier en vermaak. Paul Koek – een van de artistiek leiders van Hollandia – vroeg mij om voor deze avond een kort essayistisch toneelstuk te schrijven over muziek, subsidies, smaken en culturele oordelen. Het werd een nogal slapstick-achtig stuk van ongeveer 45 minuten, dat uiteindelijk in de Stadsschouwburg werd gespeeld. (Geweldig, om daar keihard trance tussen het pluche en barokke meubilair te horen spelen ;-))

M/V: doorhalen wat niet van toepassing is

Terwijl de meesten er zo langzamerhand van overtuigd zijn dat ‘geslacht’ een sterk cultureel bepaalde categorie is, lijkt het alsof ‘sekse’ vaststaat. Je bent nu eenmaal een man, of een vrouw. Maar blijft dat wel zo, nu de medische technologie op talloos veel niveaus in het lichaam in kan grijpen? De media tracteren ons op verhalen over vrouwen met baarden en mannen met borsten, over transseksuelen en transgenderisten, over illegale hormonen en eununchen. Kennelijk ben je niet noodzakelijk óf man óf vrouw. Wellicht kan dan ook de registratie van sekse bij de brgerlijke stand afgeschaft worden.
In M/V komen de gangbare opvattingen, de vooroordelen en de taboes aan de orde rond de indeling in seksen, kinderporno, geweld door vrouwen en seks op het internet.

Vallende vrouw

Karin Spaink (1957) heeft sinds 1986 multiple sclerose. Toen zij in 1992 de aandacht trok met haar kritiek op de orenmaffia (Het strafbare lichaam), raakten veel mensen nieuwsgierig naar haar eigen verstandhouding met haar ziekte. Aanvankelijk wilde ze er niet over schrijven: het lag te veel voor de hand en was volgens haar al te veel gedaan: «Er zijn talloos veel varianten op het thema ‘Ik en mijn ziekte’.»
Maar over ziekte zijn ook andere verhalen te vertellen, kleine en grote. Bijvoorbeeld over de veranderde verstandhouding tussen denken en doen die een onwillig lichaam veroorzaakt; of over het belang van de sociale cultuur rond ziekte en handicaps. Zulke verhalen vertelt Karin Spaink: over het Repelsteeltje-effect en over de kans eindelijk zeemeermin te zijn. Over de Geheime Club van mensen in een rolstoel, en haar bijzondere band met panters.

Stokken en stenen

Stokken en stenen is Karin Spainks literaire debuut. De bundel bevat verhalen die qua toon en thematiek zeer uiteenlopen. Er zijn autobiografische schetsen en meer fantastische vertellingen waarin onder andere haar belangstelling voor het vampirisme naar voren komt, en verhalen die soms romantisch, soms buitengewoon geestig en kleurijk zijn. Maar er is, behalve het handschrift van de auteur: een constante: het gaat steeds om de verhouding tussen mensen en lichamen en tussen mensen en taal.

Het strafbare lichaam

Er zijn geen ongeneeslijke ziekten, alleen maar ongeneeslijke mensen’ stelt de kankerchirurg Berny Siegel. Samen met andere vertegenwoordigers van wat Karin Spaink ‘de orenmaffia’ noemt, meent hij dat ziek of gezond zijn vooral ‘tussen de oren’ wordt bepaald.
Publiciste Karin Spaink, zelf multiple sclerose-patiënte, verzet zich tegen de idee dat ziekte een fout is in de persoonlijkheidsstructuur. Zij geeft een heldere analyse van de new age-theorieëen die ziekte tot een hoogst individuele en met schuld beladen aangelegenheid maken. Hoe het medische verband tussen lichaam en geest mogelijk wel in elkaar zit, verkent zij in het tweede deel van Het strafbare lichaam.

Aan hartstocht geen gebrek

Mensen met een lichamelijke handicap laten op een ontwapenende manier zien hoe zij met hun lichaam omgaan en er plezier aan beleven. Alleen of samen, ieder op eigen wijze in eigen omgeving. Zij poseren zonder spoor van heimelijkheid of schaamte. De tekst onderstreept dat. Hoe gehandicapten hun lichaam ervaren, er soms mee vechten maar er ook mee verleiden en ervan genieten, wordt openhartig beschreven. Dit boek wijkt daardoor af van de gangbare wijze waarop naar hen wordt gekeken: als onderwerp van zorg of medelijden, stiekem of met schroom. Het maakt duidelijk dat een handicap hebben niet betekent dat het lichaam afgeschreven is, tot ballast verworden: het mag dan soms anders functioneren, het functioneert wel degelijk – ook seksueel.

De Venus van Milo in de betonmolen

De Venus van Milo in de betonmolen geeft de lezer zowel een ervaring als een analyse van erotiek. Het beoogt bouwstenen aan te reiken, voedsel voor eigen fantasieën te leveren. Het is een boekje om in te dwalen, een boekje om te proeven. De tekst en de afbeeldingen, de aanwijzingen voor muziek in de kantlijn, ze zijn allemaal bedoeld als suggesties waarmee de lezer een rijkdom aan indrukken kan opdoen. Ingrediënten die zij op zich in kunnen laten werken en zich toe kunnen eindigen.

Pornografie: bekijk het maar

Toen pornografie in de jaren zestig uit de illegale sfeer kwam, werd dat algemeen als emancipatie gezien. Maar de vrouwenbeweging die zich sindsdien ontwikkelde, herkende de discriminatie en onderdrukking die pornografie inhoudt. Acties tegen seksshops bijvoorbeeld maakten dit voor het publiek duidelijk. Intussen wordt de discussie over pornogarfie in brede kring gevoerd.
In deze bundel analyseren Karin Spaink, Beverley Brown, Rosalind Coward, Gerard van oord en Andrea Dworkin vanuit verschillende invalshoeken het karakter van diverse vormen van pornografie. Ook komen randgebieden als modefotografie, reclame en film aan bod. Een interessante ‘toegift’ wordt gevormd door een analyse van de Bouquetreeks, waarin vrouwelijke lezers een natuurlijk verband tussen seks en geweld wordt voorgespiegeld. Tot slot bespreekt Heleen Buijs de mogelijkheden en onmogelijkheden van de wetgeving en discussiëren vijf vrouwen uit de beweging over de strategieën in de strijd tegen pornografie.