Kopzorgen

Dat gezeur over hoofddoekjes en het dragen van ‘religieuze symbolen’ hangt me de keel uit. In sommige beroepen is het inderdaad wezenlijk om neutraliteit, herkenbaarheid of gezag uit te stralen. Maar daarvoor hebben we nu juist het uniform uitgevonden.

Daarbij geldt: hoe noodzakelijker de gewenste neutraliteit of rolvastheid, hoe strikter de kledingcode. Postbodes kunnen kiezen tussen broek, rok of shorts; soldaten, agenten en advocaten niet. Maar of baliemedewerkers, HEMA-verkoopsters of ambulancepersoneel een hoofddoek bij hun uniform dragen, doet weinig ter zake; wat telt is uitsluitend of ze goed werk leveren.

Al roepen we om ’t hardst dat het hoofddoekjesdebat gaat over de ‘algemene’ vraag of religieuze overtuigingen publiek beleden mogen worden in iemands uitoefening van z’n beroep, gaat het natuurlijk helemaal niet over religies in hun algemeenheid. Nog nooit heeft iemand bezwaar gemaakt tegen een ambtenaar met een kruisje om zijn nek of tegen een rechter met een sticker van een vis achterop haar auto.

Om niettemin de schijn van objectiviteit te bewaren, is het debat inmiddels opgesmukt tot het publiekelijk tentoonspreiden van persoonlijke overtuigingen. Misschien horen ambtenaren evenmin politieke t-shirts te dragen? Dat kan immers provocerend of aanstootgevend zijn, en is sowieso niet neutraal. Ah, ok.

Maar waar trekken we de grens? Mag een broche met een roze driehoek wel? Is een potteus uiterlijk toegestaan? Een deathmetal t-shirtje? Persoonlijk haat ik roze borstkankerlintjes (beargumenteerd, en op goede gronden); kan ik voortaan bezwaar maken tegen ambtenaren die ze dragen?

Laten we elkaar geen mietje noemen. Er ligt in dit debat maar één religie en één overtuiging onder vuur: de islam. In een manoeuvre die herinnert aan de spagaat van het Amerikaanse leger – soldaten mogen gerust homoseksueel zijn, ze mogen het alleen niet laten merken – wil de PVV de islam uit de openbaarheid wegdringen: niemand mag kunnen zien dat je moslim bent. Wie dat xenofobe debat wil ‘abstraheren’ en daartoe gaat zaniken over persoonlijke overtuigingen van ambtenaren die publiekelijk achterwege moeten blijven, is hypocriet.

Want wie oprecht vindt dat ambtenaren in functie uiterlijk ontbloot dienen te zijn van hun persoonlijke overtuigingen, rest maar een oplossing: overheidsbrede herinvoering van het uniform. Elke kledingstijl – inclusief de bloemetjesjurk – heeft immers zijn eigen culturele en politieke connotaties; alleen een strikt gereguleerde dracht kan neutraliteit uitstralen.

Maar uniformen voorschrijven willen we niet. Dat zou draconisch zijn! Bovendien, iedereen moet kunnen dragen wat-ie wil: Nederland is immers een vrij land. Tenzij zo’n Nederlander islamitisch is, natuurlijk.


Aantal reacties: 110