Zeurpiet

Zoals vaker was het geen politicus of politiek commentator die me inzicht gaf hoe je verstandig kunt reageren op notoire dwarsliggers als Trump en Wilders.

Veel mensen hebben gemeend dat je níet met ze in debat moet gaan, maar dat werkt evident niet. Die aanpak versterkt Trumps en Wilders’ stelling dat zíj de underdogs in de politiek zijn. Laat dat nu precies de positie zijn waar ze op uit zijn, omdat ze daarmee eenvoudig de sympathie kunnen veroveren van stemmers die zich uitgesloten, vergeten, verwaarloosd of anderszins verguisd voelen.

Wél in debat gaan werkt evenmin. Ze smijten met cijfers die niet kloppen, ze ontkennen glashard wat ze eerder hebben gezegd, ze pochen met ‘de mensen in het land’ alsof hun aanhangers de enige zijn die tellen, ze bestempelen iedereen die het niet met hen eens is tot lid van een wereldvreemde elite, instanties die niet doen wat zij willen, verklaren ze tot nep. Daar kún je niet mee in debat.

Ondertussen schoppen ze alles omhoog tot relhoogte, uit elk non-incident weten ze een hype te trappen die maakt dat ze weer dagenlang in het nieuws zijn. Yo, scored!

Wat dan wel te doen? Niks zeggen leidt helemaal tot niets.

Het was Trevor Noah van The Daily Show die me op een ander spoor zette. Hij beschreef Donald Trump als een kind dat om aandacht jengelde, en dat door ADHD-achtig gedrag bij elk weerwoord waar hij geen antwoord had, gewoon overstapte op een ander onderwerp. Zodat jij als serieuze volwassene in de praktijk niets anders doet dan verbaal achter hem aan draven, vruchteloos het grillige pad opgedreven dat de gladjakker voor je uitzet.

Meewarig doen, dat is de clou. ‘Agossie, u zit in een nepparlement. Wat erg voor u. Zijn al die andere mensen dan niet gekozen, en u als enige wel? Raar, hoor.’ ‘Jee, u bent veroordeeld door neprechters? Dat is inderdaad een serieuze zaak. Hoe kon dat? Hebben die mensen hun diploma’s wellicht vervalst? Hoe wordt een mens eigenlijk neprechter? Of bedoelt u te zeggen dat u de rechtstaat niet accepteert?’ “Niemand luistert naar u? Och, meneer Wilders, u bent niet uit de kranten en van de tv weg te sláán. U krijgt geen gelijk, dat is waar, maar dat is een andere kwestie.’

Door niet de stelling zelf, maar de gebezigde terminologie en de framing ervan bloedserieus te nemen, haal je het idee erachter beter onderuit. Je kiest daarmee immers een ander kader voor je antwoord – en met mazzel laat je zien dat de vermeende underdog in zijn eigen been bijt.

Meewarig doen. En desnoods, nog steeds de aanpak voor hinderkinderen gebruikend die Noah opperde, mee gaan opbieden. ‘Dus uw partij is heeeel groot? Knap gedaan hoor, wat heerlijk voor u. Alleen jammer dat niemand er lid van mag worden, he? Bij ons mag dat wel, dat heet democratie. Misschien iets voor u?’


Aantal reacties: 9