Wachtwoord

Robert M., verdacht van grootschalig kindermisbruik en van het maken en downloaden van kinderporno, bleek zijn computerbestanden te hebben versleuteld. De reacties bestreken een voorspelbaar scala. Van het goedbedoelde maar naïeve ‘Zo’n wachtwoord kun je toch kraken?’, via het stoere ‘Laat mij maar even een uurtje alleen met die gast…’ tot het botte, maar evenzeer naïeve ‘We moeten encryptie voortaan verbieden!’

Een wachtwoord kraak je niet zomaar. Voor elk teken zijn er 96 opties. Met een wachtwoord van slechts acht tekens heb je al 7,2 biljard varianten. M. pochte in 2003 dat zijn wachtwoord 23 tekens lang was: bijna 4*1045 mogelijkheden (een 4 met 45 nullen erachter). Dat schiet niet op. Zelfs als half internet meewerkt om dat wachtwoord te kraken, zijn we eeuwen zoet. Exit rekenoptie.

Het voorstel de man met geweld aan de praat te krijgen, ondermijnt alles wat we zeggen hoog te willen houden. Verdachten hebben rechten, dat is nu juist het principe van de rechtstaat: niemand hoeft mee te werken aan zijn eigen veroordeling, marteling is uit den boze, verdenkingen dienen terdege te worden bewezen, en straffen uitmeten doen we op grond van de wet en pas ná een veroordeling door de rechter.

Wie tegenwerpt dat M. door zijn eigen daden elk recht op een nette behandeling is ontvallen, doet de rechtstaat au fond af als franje. De rechtstaat geldt principieel voor iedereen, zonder aanziens des persoons, en juist wanneer er veel op het spel staat, dient hij strikt te worden nageleefd. Principes die je alleen in acht neemt zolang je dat geen moeite kost of ze je handig uitkomen, zijn geen principes – dat zijn gelegenheidsargumenten. Grondrechten zijn geen luxeartikelen; niemand hoeft ze eerst te ‘verdienen’ , noch kunnen ze iemand zomaar worden afgenomen. Exit marteloptie.

Encryptie afschaffen dan maar? Nee. Er zijn buitengewoon goede, legitieme en verstandige redenen om encryptie te gebruiken, en dat iemand een nuttig ding misbruikt, betekent niet dat we dat ding dan meteen maar moeten afschaffen. (Met die redenering kunnen het schrift, de fotografie, de kerken, de telefonie en de banken ook beter de vuilnisbak in.) Bedrijven gebruiken encryptie, internet zou instorten zonder encryptie, het betalingsverkeer drijft erop. Mensenrechtenorganisaties gebruiken het, verstandige journalisten, en mensen die hun lijstjes met wachtwoorden niet onbeschermd willen laten rondslingeren.

Bovendien is encryptie verbieden zinloos: dat is gestolde, gebruiksklaar gemaakte kennis willen verbieden. Iedereen kan zich de levende variant van die kennis eigen maken, en zelfs al worden alle versleutelingsprogramma’s verboden of van achterdeurtjes voor overheden voorzien, dan kan elke slimmerik zo een nieuw programma in elkaar zetten. Of een nieuwe taal ontwerpen. Wie encryptie wil verbieden, wil feitelijk dat alle communicatie altijd en overal transparant moet worden opgeslagen, terwijl iedereen tevens permanent wordt gecontroleerd of-ie wel met iedereen transparant communiceert. (Trouwens, hoe weet u nu ooit zeker wat ik écht met ‘aardbeienjam’ bedoel?) Exit verbodsoptie.

De grote oplossing bestaat niet: recht doen is hard werken. Door goed speurwerk zijn er foto’s bovengekomen waarop de man zijn wandaden heeft vastgelegd, kon M. worden getraceerd. Zonder supercomputers, zonder marteling, een verbod op encryptie of enige andere uitholling van de rechtstaat is er degelijk bewijs gevonden en kan M. worden veroordeeld. Principieel, en met recht. Daar had M. zelfs bij kunnen blijven zwijgen.


Aantal reacties: 10