Merktrouw als wapenfeit

[Een overzicht van de verschillende popfestivals die Nederland inmiddels kent. De markt is enorm uitgedijd. Opmerkelijk is dat elk festival een vast publiek heeft wier merkentrouw vrijwel geen grenzen kent. Bij het artikel werden prachtige foto’s van festivalgangers afgedrukt.]

DE MUZIEK LOOPT STEEDS MEER in elkaar over. Pinkpop was jarenlang het enige meerdaagse popfestival en bood derhalve voor ieder wat wils: een beetje hard naast een beetje zacht, grote namen naast obscure namen. En iedereen ging. Of reisde anders uit arren moede af naar het buitenland, naar Roskilde of Reading bijvoorbeeld.

Dynamo bood vijftien jaar geleden als eerste weerwerk en onderscheidde zich door uitsluitend metal te programmeren, daarmee zowel een deel van Pinkpops markt afromend en een nieuwe groep liefhebbers aanborend. De behoefte aan een hard, viezer en gemener broertje van Pinkpop bleek groot: binnen een paar jaar trok Dynamo zelfs meer bezoekers dan Pinkpop. Op Dynamo’s hoogtepunt verbleven bijna honderdtwintigduizend man op een terrein waar volgens geruchten nog ergens bommen uit de Tweede Wereldoorlog moesten liggen. (Toen de projectontwikkelaars later neerstreken op het oude festivalterrein bleken de geruchten te kloppen. Dat de trillingen bij het massale springen op Suicidal Tendencies en Life of Agony die bommen nooit hebben doen afgaan, is een vingerwijzing dat ofwel god de metalfans een warm hart toedraagt, ofwel de duivel over ons waakte.)

Acht jaar geleden ontstond Lowlands: een plek waar programmeur Mojo Concerts haar alternatiever muziek uitprobeerde. Veel gitaarbandjes, experimenteler muziek en weinig, of in elk geval minder, gevestigde namen. Lowlands durfde trance naast punk te zetten en schept voor elk genre simpelweg een nieuwe tent. Pinkpop behield de arrivés en werd definitief een familiefestival. “Pinkflop”, pesten de Dynamo- en Lowlandsgangers.

De grote drie festivals trekken nu ieder elk jaar tussen de 50.000 en 60.000 bezoekers (hoewel Dynamo dit jaar, wegens gebrek aan een fatsoenlijk terrein, verplicht kleiner moest). Hoewel sponsor TMF een sterk stempel op Pinkpop drukt, evenals Mojo dat op Lowlands doet, loopt de programmering steeds meer in elkaar over: veel bands doen op hun zomertournee minstens twee van deze drie grote Nederlandse festivals aan. Type O Negative reisde eerder van Dynamo naar Pinkpop, net zoals Korn dit jaar deed; Tiamat en Rollins (Lowlands) hadden op Dynamo niet misstaan, Immortal speelde op Lowlands en Dynamo, Krezip op Pinkpop en Lowlands.

Toen bleek dat meer festivals alleen maar tot meer bezoekers leidde en de spoeling almaar dikker werd, ontstonden er alras tal van gespecialiseerde, meest eendaagse muziekfestivals: Waldrock (1991) voor de die-hard metalheads, Dancevalley (1995) voor trance en techno, Pepsi Pop (1995) voor de risicoloze sterren, Drum Rhythm (1997) voor alles dat uit ‘zwarte’ muziek is voortgekomen (funk, triphop, jazz en drum ‘n’ bass). En ze groeien allemaal, elk jaar weer.

*

EN DE MENSEN? Hun typologie is sterk gekleurd door de geschiedenis van de festivals. Hoewel Dynamo minder extreem hard programmeert dan vroeger, zie je er nog altijd meer zwarte kleding, bloederige T-shirtjes, met spikes versierde leren jassen, legerkistjes en tatoeages dan elders. De buiken zijn er dikker, het bier vloeit er rijkelijker. Ze nemen het minder nauw met de regels dan elders – toen in 1994 en 1995 alle wegen naar Eindhoven volstrekt verstopt raakten door de enorme instroom van bezoekers, stapten de meesten uit hun auto’s en bouwden alvast hun eigen feestjes naast de files op de weg, compleet met impromptu barbecues. Ze deelden hun bier en worstjes kameraadschappelijk met huisvaders die in diezelfde file waren komen vast te zitten en die aanvankelijk meenden dat de Hunnen alsnog het land waren binnengevallen. De security houdt zich uiterst gedeisd op Dynamo: de bezoekers zijn immers lief, hun vaak vervaarlijke uiterlijk niettegenstaande. Toen Dynamo beveiligingspoortjes instelde en iedereen urenlang moest wachten om na fouillering binnen te mogen, vond security haast niets bij die honderdduizend mensen. Een mes, een boksbeugel, wat coke en er was geloof ik iemand met wat teveel pillen. Dat was al. En crowdsurfen mag er nog steeds.

Pinkpop heeft een minder duidelijk gezicht: geen overmaat aan punks noch aan hippies. Pinkpop heeft van alles wat en heeft vooral twee dingen die andere festivals ni­et hebben: families en loslopende tieners. Wat deels uit de voor-elk-wat-wils programmering te verklaren is, maar vooral te maken heeft met de lange voorgeschiedenis: paps en mams, vroeger zelf trouwe Pinkpopgangers, nemen de spruiten er mee naar toe wanneer die nog piepklein zijn of eenmaal definitief te groot zijn geworden voor de Efteling. Thuisblijvende ouders vinden het na enige onderhandeling goed dat hun tieners er alleen naartoe gaan: Pinkpop kennen ze immers, en je kind daar naartoe laten gaan is net zoiets als ‘t alleen naar oma laten reizen: veilig en vertrouwd. De familiesfeer maakt Pinkpop gemoedelijk (en soms wat gezapig), maar dat wordt aardig in balans gehouden door de losgeslagen puberjongetjes die voor het eerst onder moeders vleugels vandaan zijn.

Lowlands trekt hoofdzakelijk studenten en twintigers, of mensen die dat kortgeleden waren. Het publiek is niet te beroerd om iets nieuws te verkennen, of dat nu Nederlandse literatuur, theater of ballet is (allemaal zaken die Lowlands naast de muziek biedt). Lowlands is, hoewel van de Grote Drie het meest experimenteel van opzet, in de praktijk nogal politiek correct. Men eet er behalve patat Cherokee-food en Thais, laat zijn haar knippen en verven en wacht goedgemutst in lange rijen voor de geldautomaat, de douches, de wc’s, de signeersessies en koopt massaal flessen water voor drie gulden per stuk als de waterleiding op de camping wordt afgesloten “om misbruik te voorkomen”. Men is dunner dan op Dynamo, kleurrijker gekleed, maar tevens nogal braaf. Als de security ineens ingrijpt – Lowlands is vermaard om haar harde veiligheidsdienst – bindt iedereen gehoorzaam in; op Dynamo zou bij gelijk autoritair gedrag de hel losbarsten.

Alleen de smaak van modder en de geur van pis is overal hetzelfde.

*

ALLEMAAL GAAN ZE VOLGEND JAAR WEER, elke groep naar zijn eigen festival. Waarom speciaal dat ene? Omdat de sfeer juist hí­er geweldig is en de muziek veel beter dan elders!. Het grappige is dat iedereen dat zegt — ongeacht de programmering van aanstaand jaar. Overstappen naar een ander festival doe je niet, zelfs niet als de muziek volgend jaar suckt: dan ga je liever helemaal niet meer.

Eigenlijk zijn festivalbezoekers simpelweg merktrouw.

Pinkpop: Ingrid (14)

Ik ga elk jaar, of nu ja, dit was eigenlijk pas mijn tweede jaar. We gaan met een hele familie: mijn oom en tante, mijn neefjes en nichtjes. Mijn ene neefje is vijftien, de andere bijna veertien, en dan is er nog een van twaalf. Ik houd het meest van harde muziek, en dat hebben ze op Pinkpop. Korn vond ik het beste, daar heb ik ook een t-shirt van gekocht. De sfeer op Pinkpop is heel leuk, veel leuker dan op andere festivals. De mensen zijn er allemaal vreselijk aardig… Nee, ik spreek niet heel veel met andere festivalgangers, het meest met mijn neefjes en nichtjes. Mijn ouders hebben mijn kaartje betaald. En volgend jaar gaan we weer.

Dynamo: Mike (22), Femke (21), Nicky (1)

Wij gaan alleen naar Dynamo. Willen we naar een ander festival gaan dan moet daar wel een heel bijzonder optreden zijn. Bij Dynamo weet je nu eenmaal op voorhand dat de muziek hartstikke goed is. De sfeer is er ook veel beter dan op andere festivals: supergezellig, de mensen zijn er enorm saamhorig, heel ontspannen. Dit was mijn derde jaar, voor Femke was het al de vierde keer. Pinkpop is gewoon niks, de muziek lijkt er veel te veel op elkaar. De beste optredens op Dynamo vond ik ditmaal Slipknot en Korn, en van Destruction heb ik ook een deel gezien, heel tof. Nicky, ons kind, had veel bekijks, maar iedereen vond het hartstikke leuk dat we hem hadden meegenomen. Het eerste wat we deden toen we op Dynamo aankwamen was twee shirtjes voor hem kopen. Of we volgend jaar weer gaan? Zeker weten, ongeacht het programma! Maar ze moeten wel gewoon weer terug naar een driedaags festival, zoals vroeger. Dat Dynamo dit jaar maar een dag duurde was ongelofelijk zonde.

Drum Rhythm: Johnny (29)

Nee, ik ben niet zo’n festivalfreak; Drum Rhythm is het enige waar ik naartoe ga, meestal met een groepje vrienden. Zo’n campingfestival is niets voor mij: ik wil goed slapen, me ‘s morgens kunnen douchen en ‘s avonds gepast kleden: ik wil er kortom goed uit blijven zien. Iedereen hier is heel relaxed, zelfs toen de tent vol was bij Kruder & Dorfmeister en niemand er meer in mocht – heel dom: het is een populaire act en ze hadden niet de grootste tent gekregen, en bovendien was de bar bij de ingang van de tent gezet, dat hielp ook niet echt, alles raakte verstopt – bleef iedereen heel rustig wachten, zelfs toen het ging regenen. Ze gedroegen zich bijna timide. Ditmaal vond ik het iets minder dan de vorige keer: minder explosief; maar dat kan ook met het weer te maken hebben; vorig jaar was het enorm warm. Zelfs Kruder & Dorfmeister, waar ik erg naar had uitgekeken, viel me wat tegen: ze hadden niet echt een podiumact en draaiden maar gewoon, weliswaar met een zangeres erbij. Common vond ik erg goed. Volgend jaar ga ik denkelijk weer, maar dat hangt ook van het programma af.

Lowlands: Brian (27)

Ik ga zowat naar alle buitenfestivals toe. Dit jaar was ik op Dancevalley, Dynamo, New Frontier, Lowlands natuurlijk… Ik ga het liefst naar dance festivals, maar ook Dynamo vond ik boven verwachting goed. Dit is mijn zesde keer op Lowlands. Wat mij betreft het beste festival van allemaal en het wordt elk jaar alleen maar beter. De sfeer is geweldig, er zijn heel veel verschillende soorten mensen, en wat ik erg prettig vind is dat er zoveel variatie bestaat in de bands die hier optreden. Meestal ga ik met een grote groep mensen, zo’n stuk of tien. Tentjes bij elkaar, klaar. Hoewel ik niet echt voor een specifieke band kom, meer voor het geheel, vond ik ditmaal Aphex Twin fenomenaal, en ja, Underworld is natuurlijk altijd goed. Zion Train heb ik verdorie gemist, ik sliep en mijn vrienden konden me niet wakker krijgen. Ik sliep vaak overdag en ‘s avonds gingen we dansen, luisteren, tent in en tent uit. Nee, aan theater of ballet ben ik niet toegekomen. Of ik volgend jaar weer ga? Wat dacht je!


Schrijf een reactie

E-mail adressen worden niet getoond noch aan derden doorgegeven.
Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *