De wolf is de mens een wolf

DE DIERENBEWEGING BOEKT vooruitgang. De bio-industrie is helaas nog niet afgeschaft maar wordt gaandeweg aan banden gelegd; de scharrelkip mag zich in een groeiende populariteit wentelen; er zijn internationaal effectieve lobbies tegen het testen van cosmetica op dieren. En sinds 1 oktober kent Nederland het Veterinair Tuchtrecht: dierenartsen kunnen door gedupeerde dierenbezitters voor het Veterinair Tuchtcollege worden gesleept in geval van nalatigheid of wangedrag.

Maar er valt nog veel te doen. Peter Singer, de grondlegger van de dierethiek: “De dierenbeweging is nog jong, maar telt toch duizenden mensen over de hele wereld. Alle beetjes helpen. Toch, als je kijkt naar de beweging tegen racisme die zoveel ouder is, besef je wat een lange weg we nog te gaan hebben. De strijd voor dierenbelangen reikt verder en haalt nog meer overhoop in termen van economische belangen.” Wie zijn wij, zo luidt Singers redenering, om de belangen van dieren te veronachtzamen? Ook dieren kunnen lijden en hebben gevoelens; we dienen derhalve onze morele oogkleppen af te zetten en mogen niet zomaar met hun leven sollen omdat ze tot een ander species behoren dan homo sapiens.

Loffelijk. Persoonlijk zou ik graag een standbeeld opgericht zien voor de kwallen die er eind mei in slaagden de kerncentrale in Borssele stil te leggen. Ze slaagden waar mensen faalden, eenvoudig door met hun allen het koelwatersysteem van de centrale binnen te zwemmen. Een fantastische actie, helaas met kamikaze-trekjes. Maar er zijn grenzen aan dierethiek. Ik had bijvoorbeeld liever dat de dierenbeweging bij haar acties elementair fatsoen, ook jegens mensen, in acht zou nemen. “Stop dierproeven tegen AIDS” plakte de Bond Autonomen Tegen Dierproeven overal in Amsterdam ten tijde van het aidscongres. Spaar de dieren, laat aids floreren.

In de hoop dat U het mij niet euvel duidt: ik zou wenend maar zonder pardon een dierentuin vol jonge katjes opofferen, desnoods eigenhandig, in ruil voor een remedie tegen aids. Natuurlijk kunnen dierproeven beperkt worden; nieuwe onderzoeksmethoden raken in zwang, waardoor gecompliceerde operaties tegenwoordig op beeldschermen kunnen worden geoefend of voorbereid. Dergelijke virtuele operaties zouden wellicht ook het obligate opensnijden van kikvorsen en weeshondjes tijdens de anatomische lessen kunnen vervangen. Maar ook bij zulke innovaties blijft het onvermijdelijk dat medicijnen moeten worden getest op levende wezens. En ik heb toch werkelijk liever dat de effecten en bijwerkingen van pillen en poeders op poedeltjes worden uitgeprobeerd dan op mensen, zelfs al zijn die mensen ongeneeslijk ziek.

Te vaak deugt er iets niet in de manier waarop diervriendelijke mensen hun overtuiging naar buiten brengen. Zo heb je van die fijne bumperstickers waarmee autobestuurders hun medeweggebruikers waarschuwen dat die zich wat hen betreft total-loss mogen rijden tegen diezelfde autobumper: “Pas op. Ik rem voor dieren.” Iemand die het leven van een duif prefereert boven dat van een mens vertrouw ik niet helemaal. En al jaren erger ik me aan de zeehondenaffiches van Greenpeace waarop een jong met van die teddyberenogen ons smekend aankijkt of we hem asjeblieft willen sparen. Niet omdat het onnodig of wreed is hem te doden, maar zuiver en alleen omdat hij zo lief is. De sentimenten die dat affiche oproept wijken niet af van die waarop Pater Koopmans wilde inspelen: een jammerend jong wezen dat met huilogen roept dat het vermoord gaat worden tenzij wij ingrijpen. Van de anti-abortuslobby vinden we zulk sentiment verdacht. Van Greenpeace opeens niet.

En over welke dieren heeft de dierenbeweging het eigenlijk? Alleen over aaibare beesten met heuse ogen die vochtig kunnen kijken, of vallen kakkerlakken, huismijten, bladluizen en micro-organismen ook onder hun welwillendheid? Zijn ze voorstander van het beschermen van bacteriën en geldt het doden van virussen mogelijk als een verwerpelijke vorm van discriminatie naar soort? Zou Peter Singer zich tegen vaccinatie verzetten op grond van de gedachte dat ook micro-organismen recht van leven hebben? En wat te doen met dieren die andere dieren onheus bejegenen? Dat de ene diersoort de andere doodt ziet de dierenbeweging door de vingers, met een beroep op de wayward ways of nature. Met exact hetzelfde argument kun je verdedigen dat mensen dieren doden, dunkt me. Of vallen mensen voor de dierenbeweging niet onder de natuur?

We hebben eerder een periode gekend waarin dieren voor vol werden aangezien. Niet dat men ze ervan betichtte er een bewustzijn op na te houden, maar dat geloofde men van mensen toen al evenmin. Elk handelend wezen – dier of mens – werd simpelweg verantwoordelijk gesteld voor de gevolgen van zijn of haar daden en kon daarop worden aangesproken. Julian Barnes heeft een vermakelijk hoofdstuk geschreven over een rechtszaak uit 1520 tegen de termieten die de troon waarop een bisschop zijn heilig zitvlak wilde laten neerdalen, hadden ondermijnd. De termieten werden aansprakelijk gesteld voor het daaropvolgende bisschoppelijk hoofdletsel. Misschien moet de eerstvolgende pitbull die een kleuter doodbijt maar voor de rechter worden gesleept. Met Singer als advocaat.

Tekens

OP DE FEMINISTISCHE Boekenbeurs was nog een akelige rel. Iets met radicalesbo’s die begonnen te schelden op heterodames in het algemeen en mannen van beiderlei kunne in het bijzonder, en dat hetero enigszins vies was en lesbo witter waste en het programma van de beurs te bont was. U kent ze wel, dat soort discussies, vrees ik.

Er werd gescholden; er werd geschreeuwd. Er werd uiteindelijk zelfs gepord, getrokken en geduwd. Een vriendin van mij, Z, die die dag medeverantwoordelijk was voor het reilen en zeilen des beurs en die nogal bedreven was in het omgaan met hinderlijke types, liet zich niet intimideren en greep in. Waarop een van de radicalezzies begon te krijsen dat zij zich er al helemaal buiten diende te houden aangezien ze overduidelijk deel uitmaakte van het vijandelijk kamp: ze was hartstikke hetero, dat zag je zo, met die laknagels van d’r, en Z had derhalve sowieso geen recht van spreken. Bek houden, oprotten, weg met hetero, dat was het devies. Z, ook niet op haar mond gevallen, liep dreigend op de schreeuwlelijk af en voegde haar toe: ‘Wacht maar, straks pak ik je.’ De radicalesbo verbleekte en bond in.

MEVROUW W, DIE ALOM bekend stond als lesbisch, was iets erg moois aan het beleven met mevrouw X, een dame die voor heteroseksueel versleten werd. Je hoefde ze maar samen te zien om te weten wat er gaande was: ze waren vreselijk verliefd, het spatte hun ogen uit.

‘Hoe zit dat nu toch, met jou en X,’ vroeg een door de wol geverfde exclusieflesbo aan mevrouw W. ‘Is ze nu wel echt zo?’ Mevrouw W dacht aan haar mevrouw X; een lach van minnen en houden van en vertederd en verliefd zijn krulde zich om haar lippen. Ze zei niets; ze smolt alleen maar. ‘Ja maar hoe zi­t dat nu?’ drong de vragenstelster aan. ‘Ze is toch niet lesbisch?’ Mevrouw W dacht aan hun kozen en kussen en aan haar in de war geslapen bed en zei niets. Haar glimlach verdiepte zich nog. ‘Maar haar nagels dan?’ hield de vragenstelster aan.

NAGELS. DAAR IS IETS mee – het is de laatste grens die ingezet wordt om he van ho te kunnen onderscheiden, qua dames. Lippenstift mag weer, korte rokken en lingerie zien wij alom en zelfs hakken zijn tegenwoordig toegestaan, maar lange nagels en dan ook nog gelakt – nee, daar haakt men af. Dat kan niet. Dan is men Niet Echt Lesbisch.

Daartoe geprest wil iemand nog wel eens een poging doen de lange nagel ideologisch te kloven. Dan volgt er een uitleg in het genre dat zulke nagels pijn kunnen doen en tot verwondingen kunnen leiden wanneer men elkaar vasthoudt en kust en koost. Dat lange nagels gevaarlijk zijn, krassen achterlaten en naar aanvoelen.

Nog daargelaten dat eelt en ruwe nagelriemen volgens mij veel erger zijn, en esthetisch minder aangenaam: men overdrijft. Men overdrijft schromelijk. Dat het in werkelijkheid niet om de lengte der nagels gaat en deszelfder kleur, maar dat wij feitelijk spreken over de korte nagel als teken, als middel ter herkenning van De Damessectie Van De Familie, begon mij te dagen toen ik eens een vriendin had die per definitie kloeg over de lengte van de mijne. Hoe kort ik ze ook knipte, het was nooit kort genoeg. Zelfs wanneer ik mij in het vlees knipte en vijlde kloeg zij mij dat mijn nagels te lang waren en haar leed berokkenden. Ik vijlde en knipte; zij kloeg. Het ging ook helemaal niet om mijn nagels. Het ging eigenlijk over mijn lippenstift en mijn kleren en mijn lange haren, met krullen bovendien. Het ging erover dat ik te damesachtig was, niet zo genoeg.

Nu ben ik inderdaad niet zo genoeg, en meneren daar kan ik vreselijk veel en ook innig oprecht van houden, maar dat doet er even niet toe. Het ging erom dat alle onwennigheid over kleding en haar en lippenstift werd uitgevochten op de vierkante millimeters van mijn nagels. Kleren en haar en lippenstift zijn tegenwoordig namelijk politiek oké, ze mogen weer, of liever gezegd: ze moeten weer mogen. En de dames die daar nog over dubben grijpen de nagels aan als laatste verdedigingslinie. Opdat Men elkaar Onderling dan namelijk toch nog érgens aan kan herkennen. Dat er een teken dient te zijn dat he van ho scheidt, en twijfelgevallen en overgangszônes markeert.

Z DEUGT. OF Z lange of korte nagels heeft is haar zaak en desnoods die van haar geliefde, maar zegt absoluut niets over haar betrouwbaarheid in politieke discussies.

W en X zijn razend verliefd en vreselijk aan elkaar gewaagd. Of X pas bekeerd is indien zij haar nagels trimt en in de aceton doopt, betwijfel ik. Of X überhaupt bekeerd en tot Officieel Lid der Familie bestempeld moet worden, betwijfel ik al evenzeer. Belangrijker is dat W en X razend verliefd zijn en vreselijk aan elkaar gewaagd; met etiketten en Familie heeft dat niet veel uit te staan.

Ik wil niemand ooit meer iets horen zeggen over nagels. Nog één woord en ik sla ze uit.

Dieper en dieper

OVERAL IN DE STAD hingen affiches met daarop een meneer in een glimpak met ouderwetse punten aan z’n kraag, met zoveel open knoopjes aan z’n overhemd dat het gemiddelde damesdecolletée daarbij in het niet zonk, en een nepgouden kettinkje om z’n hals. Nu zie je dergelijke types wel vaker, maar deze had een schedel in zijn handen en een ster in zijn voorhoofd, wat hem alweer een stuk ongewoner maakte. Rasti Rostelli, met magie en telepathie en de fascinatie van het ontastbare, zo prees het affiche aan.

Bij Cannon lagen vrijkaarten. Ik grabbelde er twee van de toonbank en reserveerde. De vrijkaart beloofde nogal wat. Telepathie, telekinese, esoterische krachten, spontaan brekende glazen (als ik mijn banden maar heel hou, dacht ik nog), iedereen van het roken en het nagelbijten af en zeven kilo vermageren in veertien dagen. Met recht een wonder, die Rasti Rostelli.

Wij werden eerst vergast op een wervelende show van Erik’s & André’s International Magic, twee heren die illusoire grappen uithaalden op een slanke blondine met een Jordaankapsel en een Albert-Cuyppakje. En daar – tromgeroffel, boem paukeslag, en ook nog rookwolken toe – daar kwam Rasti Rostelli himself. Live leek hij Prince op leeftijd. Mijn BodyGuard en ik knepen elkaar, van spanning en eng en zou hij nu heus? Dat wij straks spontaan vlam zouden vatten, of mijn banden gingen knallen wegens esoterische krachten? O jee o nee? We staken snel nog een sigaret op, het kon onze laatste zijn. Dun waren we al.

De show opende met afgeraffelde verhaaltjes in krom Nederlands. «Hoe vaak gebeurt het dat je aan een persoon denkt en plotseling gaat de telefoon en deze zelfde persoon belt je op? Voorgevoelens die je hebt gebeuren plotseling, een droom die je hebt gehad wordt werkelijkheid… In iedereen sluimert esoterische krachten», orakelde Rasti, en lardeerde dat met overbekende trucjes.

Pas na een uur ging hij serieus aan het werk. Iedereen die wilde ophouden met nagelbijten, roken, snoepen, drinken of andere verderfelijke gewoonten werd gesommeerd zich op het podium te melden. BodyGuard en ik bleven stoer zitten. Maar ons voorgevoel gebeurde niettemin, het werd zelfs overtroffen: bijna de helft van de zaal bestormde het podium. De kandidaten werden in slagorde neergezet en Rasti begon ze collectief te hypnotiseren. «Je valt dieper en dieper in slaap, en dieper en dieper onder hypnosis. Je hoort alleen nog mijn stem. Mijn verlangens zijn jouw verlangens. Je hoort alleen nog mijn stem… Als ik in je ogen blaas word je wakker, als ik klip en klak met mijn vingers val je dieper en dieper in slaap en dieper en dieper onder hypnosis.»

Na een kwartier – BodyGuard en ik begonnen juist aan onze vijfde Mars Icecream Bar en onze tiende sigaret – testte Rostelli voorzichtig zijn kandidaten en stuurde iedereen die niet voldoende onder zijn invloed bleek van het podium af. Na nog een kwartier had hij negen slachtoffers over, mensen die in opperste voldoening een citroen hadden gegeten in de volle overtuiging met een zoete sappige perzik van doen te hebben. Wie zuur keek mocht niet meer meedoen.

Hypnose werkt. Het was bijzonder een juffrouw tot tien te horen tellen nadat Rostelli haar bezworen dat het getal zeven niet meer bestond. «1, 2, 3, 4, 5, 6…» hier aarzelde ze, ergens klopte iets niet… wat kwam nu ook weer na zes? Ze fronste haar brauwen. «6… 8, 9 10!» voltooide ze triomfantelijk. Rostelli vroeg haar haar vingers te tellen. Elf, meldde ze na inspectie, en fronste wederom haar brauwen. Ergens klopte iets niet. Een andere juffrouw kreeg elke keer de kriebels als ze haar naam moest uitspreken. Twee andere mensen («Als ik in je ogen blaas word je wakker en doe je je mond sperwijd open») poogden met open mond een conversatie te plegen, en moesten vooral lachen om elkaar. Dat ze zelf ook wat moeilijk spraken viel hen niet op.

BodyGuard en ik raakten zowaar opgetogen. Zou je mensen zo ook de liefde voor het betere boek kunnen bijbrengen, of henzelf de kriebels laten krijgen van stopwoordjes en modieuze uitdrukkingen? Zodat wij niet meer de enigen waren die daar zo allergisch voor waren, en iedereen permanent ons gevoel voor goede smaak bruskeerde? Of laten ophouden met vieze pattatten eten in openbare ruimtes of knisperen met popcornzakjes in de bioscoop?

Rostelli dacht daar heel anders over. Hoezo literair, hoezo beschaving, hoezo elementair fatsoen? Het publiek diende geamuseerd, en hoe amuseert men het volk? Met brood neemt niemand tegenwoordig meer genoegen, spelen accoord, maar dan met seks erbij. De volgende die wakker werd kreeg de influistering dat de hele zaal naakt was. De mevrouw in kwestie deed haar ogen open nadat Rostelli wat had geblazen, en deed ze vervolgens sperwijd open. Rostelli gebaarde een meneer uit de zaal om op te staan. «Wat vind je van deze?» Ze bloosde. De zaal lag plat. De volgende hypnosant die gewekt werd was een jongeman met heavy-metal krullen. «Tjézus!» zei hij bij het aanschouwen van het publiek. «Ben je hier alleen gekomen?» vroeg Rostelli vals. «Ik ben hier met mijn vriendin,» antwoorde de jongeman trouwhartig. Rostelli gebaarde al naar de zaal en de vriendin stond gezagsgetrouw op. «Ja Jézus, meid trek wat aan! Ben je gek geworden?» viel de gehypnotiseerde jongen uit. De zaal lag plat.

De volgende truc. «Als ik in je ogen blaas, is de zaal weer aangekleed. Nu ben jij naakt», commandeerde Rostelli. En koos als eerste slachtoffer een dikkige jongen, leuk, di­k, altijd goed voor cynisch gelach. Rostelli blies, de jongen opende zijn ogen en verbleekte, de zaal deed cat-calls, de jongen probeerde zich met een rooie kop achter Rostelli te verschuilen; Rostelli ontweek hem behendig. De jongen op het podium stierf duizend doden, de zaal bleef erin. Geen vreselijker leed dan leedvermaak. Haha, kijk toch eens, die jongen schaamt zich!!! Wat stom!!!

Als slotstuk liet Rostelli een assistente met een pop opdraven en vertelde zijn hypnosantjes dat ze alles zouden voelen wat de pop onderging. Slachtoffer één was een meisje, die door Rostelli bij verstek in haar billen werd geknepen en dieper en dieper werd gekust. Daarna werd de heavy-metal kandidaat wakker geblazen, en de assistente gaf de pop een innige zoen en kriebelde de pop omstandig in zijn kruis. Een diepere en diepere blos verspreidde zich over het gezicht van de jongen. Hij wist zich geen raad met deze opwinding ten overstaan van een joelend publiek.

Voodoo-seks onder hypnosis. Dieper en dieper. Rasti Rostell. Lager en lager. De zaal. Platter en platter.

Beursberichten

DE NAAM BELOOFDE niet veel goeds, vonden we: Ero 92, de vakbeurs voor erotiek. Kon het platter? Een beetje meer fantasie had de dames en heren organisatoren bepaald niet misstaan. En dat iedereen die een informatiekraampje wilde neerzetten dat gratis mocht doen, suggereerde bepaald dat ze zaten te springen om inhoudelijke bijdragen. Maar aangezien we met een bizar en ongewoon boek over seks aan de slag zijn besloten mijn uitgeefster en ik dat wij maar naar Den Haag moesten afreizen, ter lering en vermaak.

Bij de ingang ging het al fout. Twee mannen, gehuld in wat mijn uitgeefster netvliesverblindende pakken noemde, verlieten het beursgebouw in gezelschap van een te blonde juffrouw in een te strak pakje die bovendien te veel giechelde. Binnen was het tragisch stil. Het aantal kraampjes in de Houtrusthallen overtrof het aantal bezoekers op waarlijk dramatische wijze.

We liepen de kraampjes langs, koutten wat met twee vriendelijke dames van de NVSH die ons enthousiast condooms overhandigden, keken naar wat zondagsschilderijtjes («erotische kunst van gerenommeerde artiesten»), wierpen een blik op drie azalea’s, een conifeer, een nepvijver en twee versies van De Venus van Milo («de erotische beeldentuin») en storten ons toen maar op de pakjes en behaatjes. Teveel kant, teveel bloemetjes, meer het genre van Tante Truus die haar vent van achter de voetbalbuis probeert weg te lokken.

Christine Le Duc bleek van de weeromstuit onze favoriete stand. Ik snuffelde wat tussen de speeltjes, Carly dook beroepshalve de bladenrekken in. Op kosten van de uitgeverij mocht ik mij iets aangenaams aanschaffen om mijn derde druk te vieren. Ik aarzelde bij een voorbinddildo – alleen al het idee om bij voorkomende gelegenheden achteloos te kunnen zeggen: «Ach ja, die heb ik nog van mijn uitgever gekregen», trok me mateloos aan – maar het kreng was zoals gewoonlijk weer te hard en riep eerder associaties op met een stormram dan met plezierig geplaag en gewroet. Iets van leer, misschien?

Carly hielp uitzoeken. We vonden een prachtig corseletje met jarretels en een brede riem annex jarretel, alletwee met eindeloos lange veters die vastgeregen dienden te worden. Bij dat soort kleding zouden ze eigenlijk een geliefde moeten meeleveren besloten we, wegens het aantrekgemak. We pasten beide kledingstukken. Gaandeweg deze operatie verzamelden zich meer heren om ons heen.

Wij blikten noch bloosden en regen vlijtig voort. «Doet U dat vaker?» vroeg een meneer belangstellend aan Carly, «houdt U daarvan?» Carly wierp hem een netvliesverblindende glimlach toe. Hij verslikte zich, en wende om zijn ogen te sparen zijn blik op mij. «Ken ik U niet ergens van? U komt me zo bekend voor.» Opeens wist hij het. Die meid van de orenmaffia…? Ik bekende. «Ik was nog erg tegen U», stribbelde hij halfhartig tegen, maar smolt zijns ondanks wegens al dat leer waarin ik inmiddels gehuld ging. Je zag hem denken: zo streng, de zweep had ze over de orenmaffia gehaald, en nu dat leer… In zijn gedachten werd ik acuut omgevormd tot droommeesteres, vrees ik.

Na deze geslaagde aankopen trokken we naar het terrasje tegenover de beeldentuin. Plots zag ik aan de overkant een bekend logo. Ja verdomd, de Academie voor Body en Soul, ik struikel toch werkelijk overal over mafiosi. De meneer achter het kraampje herkende mij ook en zond acuut slechte vibraties uit, wat niet hielp. Carly en ik bekeken belangstellend de stand. Veel boeken over Tantra-seks, waarbij de kunst is uren te vrijen zonder klaar te komen. Sadomasochisme op meditatief niveau, zal ik maar zeggen. En natuurkleien dildo’s. Ach ja…

Wij kochten een ero-cocktail (grapefruit-, mango-, sinaasappel- en nog veel meer sap, flink opgeklopt, net als de beurs) bij een vriendelijke meneer. Op tafel lag een folder die we belangstellend doornamen. «De nieuwe sensatie: handleiding onthoeker», schreeuwde het ons tegemoet rond een afbeelding van een onmogelijk ogende vibrator. Onthoeker? Carly en ik, toch van veel markten thuis, keken elkaar niet-begrijpend aan. Een onthoeker – dat klonk alsof de loodgieter er aan te pas moest komen.

Het bleek een vibrator met een bocht erin, bedoeld ter meerdere eer en glorie van de G-plek, u weet wel, die verstandsknobbel vlak na de ingang. Dames, riep de folder, hiermee kan een orgasme worden bereikt dat zijn weerga niet kent! En vanaf vandaag hoort ook ú tot de mensen die deze kans niet voorbij laten gaan… Voor slechts F34,50! Dit orgasme voelt warmer, tintelt door tot in de buik, is veel heviger en meerdere malen achter elkaar te bereiken, ook de folder wist van geen ophouden en stapelde superlatief op superlatief.

Wij duwden ons rietje uit de ero-cocktail in een bocht en zogen onze bekers leeg. Uit mijn ooghoek zag ik de meneer van de Academie voor Body & Soul naar zijn overburen, de SM-club Doma, slenteren. Daar draaiden non-stop video’s. Maar dat was interessant… De Body & Soul-meneer duwde zijn handen diep in zijn broekzakken en bleef minstens een kwartier staan kijken.

Het leven is soms leuker dan de leer.

Koopjesjacht

DE NIEUWE NAAM voor het COC-blad mag dan onbegrijpelijk lijken, hij brengt een mens desalniettemin op vreemde doch intrigerende gedachten. Zie ik een auto passeren die de lettercombinatie XL op het nummerbord heeft, dan moet ik tegenwoordig stilletjes lachen. Grijpt een dame bij de supermarkt bij mij om de hoek in een bak goedkope t-shirts, op zoek naar een nog grotere maat, dan bekijk ik haar soms met hernieuwde belangstelling, ook al hul ik me zelf gewoonlijk in bescheidener afmetingen. De familie lijkt met een klap fors uitgebreid.

Er is een eerder moment geweest dat een koppeling tussen kledingmaat en gelijkgeslachtelijke hints me opgevallen is. U moet weten, ik kom met enige regelmaat in een groot warenhuis om daar de lingerie-afdeling af te schuimen. Een mens moet wat, en als je dan toch wat moet kun je beter zorgen dat er enige variatie in zit, qua ondergoed. Tot mijn grote vreugde was in die periode dieprood opeens erg in zwang, een kleur waar ik al lang naar op zoek was doch die helaas zelfs rond de Kerstdagen niet verkrijgbaar bleek. Schreeuwerig neonachtig rood was al wat men kon bieden, en daar paste ik voor; er zijn tenslotte grenzen. Bovendien snap ik niet hoe iemand ooit op het dwaze idee heeft kunnen komen lingerie de kleur van een stoplicht te geven – een contradictio in terminis.

Dat seizoen echter dacht ik in de prijzen te vallen. Helaas: mijn maat bleek uitverkocht. Een prachtige jongedame met lange haren en nog veel langere benen dook uitermate bereidwilig voor mij in tal van voorraadkasten en verborgen magazijnen, maar kwam met lege handen terug. Dat deed aan haar schoonheid overigens geen centimeter af. Ze bleef vreselijk mooi, extra large zal ik maar zeggen. Ik zou nog wel eens terugkomen, zei ik; de volgende zending komt over een week of twee, bood ze aan.

Toen ik na drie weken een tweede poging deed, herkende ze me subiet en wist zelfs mijn maat nog. Ik bloosde. Het setje was niet gearriveerd. Ik reed met een betrapt gevoel en lood in mijn banden weg en had pas na vier weken weer voldoende moed verzameld. Bovendien had ik me bij die gelegenheid voor alle zekerheid gewapend met een vriendin. Ze was er niet. Het setje, ondertussen al lang niet meer zo belangrijk, evenmin. Ik troostte mezelf met een uitverkoopje.

Een paar weken later verzamelde ik ten tweede male al mijn moed. Ik reed wat rond op de lingerie-afdeling, paste quasi-achteloos een paar niemendalletjes, reed wat rond en zag haar toen andere klanten helpen. Zodra ze alleen was reed ik naar haar toe. Ze meldde het ooit zo vurig begeerde kledingstuk opnieuw absent, en ik zei dat dat me niets meer kon bommen, desnoods deed ik het de rest van mijn leven zonder, maar dat ik haar zo mooi vond.

Tot mijn stomme verbazing greep ze mijn hand vast en zei dat zij nu juist hetzelfde van mij had gedacht. «Nou, dan moeten we maar eens wat drinken», zei ik, me opeens een paar matern groter voelend, extra large zal ik maar zeggen, «of een dansje plegen. Dans je wel eens?» «Kun jij dat dan, met die stoel?» vroeg ze. «Ja… doe ik wel vaker», deed ik nonchalant, absoluut niet in voor een begrijpend gesprek over de ins en outs van rolstoelen en dergelijke. «Zal ik je een keer ophalen uit je werk?» «Dat is goed», zei ze, en moest naar een klant.

Geheel verwilderd reed ik naar mijn vriendin, die in de naburige homoboekhandel werkt. Cruisen in de Bijenkorf, had ze dat ooit meegemaakt? Elke vrouw is te verleiden, zegt deze hartsvriendin altijd, dus die keek nergens van op, maar ze moest wel erg lachen.

De weken daarop had ik het razend druk en kwam er niets van ophalen of drinken, laat staan van dansen. Toen ik een paar weken later weer acte de présence op de lingerie-afdeling gaf, was ze er niet. Nu werd ik koppig, het was erop of eronder: zodra ik mijn zinnen echt ergens op zette, gaf de Bijenkorf plotseling niet thuis. Ja, uitverkoopjes zat, maar extra large, ho maar. Stipt een week later was ik er weer. Zij niet.

Met een rood hoofd schoot ik een collega van haar aan, of zij soms wist wanneer die jonge vrouw, die donkere met die lange haren, hier werkte? De collega wist niet wie ik bedoelde. Ze verwees me naar een andere collega. Oh die? Ja dat was een vreemd geval… Ze was opeens niet meer komen opdagen, zomaar, zonder opgaaf van reden, niet eens ziekgemeld ofzo, ze hadden haar inmiddels maar uit het rooster geschreven. Nee, haar naam wist ze niet precies, die was te onnederlands om te kunnen onthouden, en een adres had ze ook niet. Terwijl ik me verbaasde over de vreemde arbeidsverhoudingen in dit bedrijf trok ik me krijsend de haren uit het hoofd.

Laatst hoorde ik via via dat ze weer aan het werk was. Binnenkort ga ik maar weer eens ondergoed kopen. Extra large.

Complot

AANGEZIEN DAMESDAMES OP de buis geheel ontbreken en Medisch Centrum West nog iets goed heeft te maken (ontnam zij het tv kijkend volk recentelijk niet Guus, die bekeerd raakte?) werd het tijd voor een actiegroep: Maak Reini Lesbisch. Reini tobt al maanden in de serie, met de drank, met haar leeftijd, en vooral met haar vent. Het actiecomité: »Wat Reini nodig heeft, is een vrouw. Een leeftijdgenote waar ze op kan bouwen, die haar verzorgt als ze moe maar tevreden thuiskomt, die haar bijstaat in de problemen met Lucie, die haar teder en onstuimig omhelst, geestig is, relativeert en minstens maatje 42 draagt.»

Nu wil het geval dat ik juist een paar weken voor de oproep van het actiecomité publiekelijk gesolliciteerd had naar een gastrol in datzelfde MCW. Niet om Reini, maar om dokter Victor Brouwer, die door zijn Liza tegenstribbelend ingelijfd dreigde te worden bij de orenmaffia en die behalve aan een ernstige vorm van kanker ook aan een hoogst progressieve vorm van kwakdenken leek te lijden. Hij geloofde kanker te kunnen bestrijden door tekeningetjes te maken en zei dat elke vorm van medisch handelen waar de patiënt niet in gelooft, om die reden niet zal werken – en devalueerde daarmee de complete geneeskunde tot één groot placebo-effect. Ik wou wel in de serie om Victor uit de klauwen der orenmaffia te redden en hem te leren hoe je gezonder ziek kunt zijn. Maar ik mocht niet van Hans Galesloot, die in De Telegraaf ook nog erg boos op mij werd.

U zult wel begrijpen dat toen het actiecomité en ik elkaar laatst troffen, we fluks bilateraal overleg hebben gepleegd. Konden we niet twee vliegen in één klap slaan? Maar natuurlijk konden wij dat. Wij waren voor geen kleintje vervaard. In no time bouwden we mijn sollicitatie om in een duobaan voor Irene Meyer en mij. Irene zag bij nader inzien persoonlijk af van Reini en ik verdrink in maat 42, en dus verviel het plan Reini. Tessa, op wie wij het vervolgens voorzien hadden, is inmiddels een droeve dood gestorven. Onversaagd hebben wij de volgende scenario’s gewrocht:

1. Reini neemt een andere baan. Een nieuwe hoofdverpleegster dient zich aan: zuster Irene Meyer. Astrid Meeuwis, collega van Victor Brouwer en te lang vrijgezel, voelt zich vreemd smelten bij hun gezamenlijke patiëntenbesprekingen. Wanneer Astrid haar verwarde gevoelens met Guus bespreekt, begint haar iets te dagen. Ze trekt de stoute schoenen aan en nodigt Irene uit voor een werkbespreking bij haar thuis. De dames besluiten ter plekke dat het werk minder belangrijk is dan zijzelve en geven zich over aan aards plezier.

Ondertussen is maatschappelijk werkster Nel met zwangerschapsverlof gegaan en val ik voor haar in. Victor Brouwer raakt geroerd door mijn nuchtere doch diep-menselijke benadering van de patiënten, en samen onderwerpen wij de psychologische rimram die chronische ziektes omgeeft aan een kritische beschouwing. Victor geneest van het kwakdenken en probeert van zijn leven te maken wat er van te maken valt.

2. Een getergd aanhanger van de orenmaffia, wiens ingezonden brieven door de redactie van de Volkskrant werden geweigerd, steekt mij schuimbekkend een dolk in de rug (een gastrol van Hans Galesloot). Ik word gevonden door Irene Meyer, die mij allerijl te MCW aflevert. Dokter Victor Brouwer schrikt van de agressie van de orenmaffia en raakt daardoor gelukkig vatbaar voor tegenargumenten.

Irene, die mij een paar keer komt opzoeken, wordt geraakt door de tedere toewijding waarmee Reini’s dochter Lucy, die inmiddels weer in MCW werkt, mij verpleegt. Lucy, opstandig als altijd, trekt zich van het leeftijdsverschil niets aan en trekt Irene op zekere dag de gehandicapten-wc in, alwaar menige zoen gewisseld wordt. De dames beginnen een wervelende relatie.

3. Irene Meyer loopt een hernia op door een wild rolstoeldansje met mij en moet een ligkuur van zes weken doen in MCW. In het aanpalende bed ligt Vroni, Reini’s zus (een rol van Cox Habbema). Vroni raakt geheel in de ban van Irene’s charmes, en al gauw verzoeken beide dames het verpleegkundig team om een tweepersoons ledikant.

Ik ga schuldbewust doch trouw wekelijks bij Irene op bezoek, ontmoet aan haar bed Victor Brouwer en praat hem de orenmaffia uit het hoofd. Hij geneest door chemotherapie. Victor Brouwer en ik nemen samen dansles en worden de Nederlandse kampioenen rolstoeldansen. We treden op in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Vroni en Irene zitten innig verstrengeld in de ereloge.

MCW, here we come!!!

In de herkansing

WAT HEBBEN WE er naar uitgekeken – al wekenlang zoemde het, en vol verwachting klopte ons hart. Wat zouden we aandoen, en zou je er ook echt kunnen zwemmen? Waar lieten we dan onze bril, sigaretten en portemonnee, en was dat nou eigenlijk niet koud, zo alleen maar in badpak? O hemel, maar dan moesten we ons daar wel kunnen omkleden – zou je zien dat dan net alle badhokjes bezet waren. Moest er een handdoek mee, of mochten we hopen dat er badjuffrouwen waren die ons warm zouden wrijven? De kaartjes waren binnen de kortste keren uitverkocht, en ik heb dames met de vuist op tafel zien slaan en onwelvoegelijke taal horen gebruiken toen de festivalkassa die boodschap luidkeels onder de aandacht van de wachtenden bracht.

In de dagen voorafgaand aan het moment suprème steeg de spanning zienderogen. De PTT heeft vermoedelijk goud geld verdiend aan telefoontjes waarin vriendinnen hun wederzijdse outfit eens flink doornamen, trachtten in te schatten wat er verwacht mocht worden, probeerden te bedenken of ze nu vooral wilden kijken of hoofdzakelijk wilden doen, of elkaar vroegen of zij misschien wist of die ene, jeweetwel, misschien ook zou komen en te bespreken of dit nu niet een uitgelezen moment was om haar, nou ja, he, je snapt toch… Om nog maar niet te spreken van al die dames zónder die al die andere dames mét belden om kaartjes los te bedelen.

De Wet Party dus.

Het was een prachtig feest, en als het een gewoon feest was geweest had niemand kritiek kunnen hebben. Want voor een gewoon feest was dit toch een buitengewoon mooie entourage met veel extra’s. Het zwembad was op zich natuurlijk al een bijzondere locatie, en kreeg benevens kleur doordat er ouderwetse go-go danseressen waren ingehuurd en er bootjes, opblaaspoppen en strandballen op het water dreven. Wat het oog echter bovenal streelde waren wijzelf. Nog nooit heb ik zoveel dames in lesbieus verband bijeen zo divers uitgedost gezien: er waren mariniertjes met naakte benen en bevallige kragen, dames in teddy en andere lingerie-achtige blotigheden, korte rokken en dito hesjes of shirtjes, veel summiere badpakken, een paar glittergewaden, en veel anderszins openvallende of doorkijkbare feestverpakkingen. Als kleding opgevat wordt als statement, kun je rustig zeggen dat de meeste bezoeksters slechts gehuld gingen in een samenvatting.

Maar of behalve het water ook wijzelf nu zo verschrikkelijk wet waren… Zoals één van de organisatrices het plat doch toepasselijk uitdrukte: er is meer gepikt dan geneukt.

Er gingen een paar dingen fout. Zo bleken de pornofilms, die bedoeld waren als visuele vibrator, erg aan doeltreffendheid in te boeten nu ze zonder bijbehorend geluid werden vertoond. Het gehijg der dames werkt kennelijk als onmisbaar glijmiddel bij porno. En de muziek was bepaald fout. Die wilde maar niet op gang komen, en het publiek bijgevolg ook minder: dansen is immers altijd een prima manier om het lijf los te krijgen en de eerste contacten te leggen. Ik wil er een lief ding onder verwedden dat wanneer de dansvloer voller was geweest, de badhokjes het zwaarder te verduren zouden hebben gekregen.

Verder was het vooral een kwestie van toch even moeten wennen, geloof ik. Het leek of al die opgezweepte verwachtingen zich ter plekke tegen ons keerden: o jee, nu moesten we ook. De mogelijke oplettende blikken van anderen wogen opeens wel erg zwaar, en dat met dat schelle licht en al die fotografen… Koudwatervrees zal ik maar zeggen. Bovendien wreekte zich die avond het ontbreken van een traditie in publiekelijk losbandig gedrag. Zo snapten veel dames – waaronder ikzelf, moet ik eerlijk opbiechten – pas in de late uurtjes dat dat zwarte landbouwplastic achterin niet bedoeld was om een podium of geluidsapparatuur mee te verhullen, maar seksuele uitspattingen.

We zijn simpelweg nog niet echt ingesteld op de aanwezigheid van een dark room. Verder heeft een aantal van ons proefondervindelijk moeten ontdekken dat je, wanneer je de geboden gelegenheid ten volle wilt benutten, zo’n feest beter niet paarsgewijs kunt bezoeken. En tenslotte wilde ik graag onder Uw aandacht brengen dat we heus moeten leren meer te rouleren (zo had ik zelf bij voorbeeld een paar dames op het oog, waarvan er twee permanent bezet bleken. Door steeds dezelfde!).

Maar hoe dan ook: iedereen had de beste bedoelingen. Er werd beduidend meer gezoend dan op doordeweekse feesten, en de kleding was een forse vooruitgang vergeleken met de gemiddelde COC-dansavond. En het was leuk.

Dit vertoon van wat hoe dan ook een grotere vrijmoedigheid was, verdient aanmoediging en beloning. Van hogerhand is daarom besloten dat wij allen in de herhaling mogen: Velvet, de distributeur van de op de Wet Party vertoonde damesporno, zal zichzelf begin volgend jaar lanceren met een vergelijkbaar feest. Op het droge, weliswaar: de gedachten gaan vooralsnog uit naar Paradiso. Maar ik hoorde al spreken van anderen die zwembadfeesten wilden gaan organiseren. Maak uw borst maar alvast nat…

Ooit gevallen op een roze kneus?

DE EEUWIGE VERWARRING: kijkt ze nu naar mij om mijzelf, of kijkt ze naar mijn kruk, mijn rolstoel, mijn gehoorapparaat, mijn blindenstok? Of omgekeerd: kijkt ze me niet aan omdat ze me niet leuk vindt, of omdat ze niet weet hoe te reageren op mijn kruk, mijn rolstoel, mijn gehoorapparaat, mijn blindenstok? En als ik haar aanspreek, keert ze zich dan af omdat ze geen zin heeft in mij of omdat ze afgeschrikt wordt door mijn handicap? Eeuwige vragen, eeuwige problemen.

De ervaring leert dat een roze kneus – een lesbo met een handicap – niet echt lekker in de markt ligt. Niet in de gehandicaptenwereld, niet in damessferen. Zeldzaam zijn de dames die niet terugschrikken voor een aardige flirt met een rolpot; en even talrijk zijn de lesbo’s die nog wel bereid zijn om een verantwoord gesprek te voeren over de aard, de oorzaak en de gevolgen van de handicap, maar de benen nemen op het moment dat er gedanst of verleid zou kunnen worden.

Missen en missers

Waarom heeft U eigenlijk nooit een affaire gehad met een gehandicapte dame?

Omdat U ze niet ziet? Dat kan heel goed – ook in de homowereld zijn de meeste gebouwen niet echt toegankelijk. Als ik bij het COC moet zijn, kom ik gegarandeerd hijgend binnen; maar dat heeft jammer genoeg meer te maken met de onmogelijke hoeveelheid trappen dan met opwinding.

Omdat U niet weet wat U zeggen moet? Wat sneu nu toch, dat Uw ganse repertoire aan openingszinnen en onderhoudende conversaties als sneeuw voor de zon verdwijnt op het moment dat de dame tegenover U fysiek niet geheel en al beantwoordt aan het landelijk gemiddelde. En wat vreemd toch, dat U die zelf op een ruime ervaring kan bogen in het omspringen met mensen en groepen die buiten de norm vallen, U die er zelfs trots op bent niet tot een door-sneegroep te behoren, in dit ene geval opeens met de bek vol tanden staat.

Omdat U niet weet waar U kijken moet? Bang dat U al te nadrukkelijk naar die spastische arm staart, naar die prothese, naar dat litteken? Wat jammer toch dat Uw fixatie op haar handicap U het zicht beneemt op de rest van haar bekoorlijkheden.

Omdat U bang bent een voor haar pijnlijke opmerking te maken? Wees gerust, de meeste roze kneuzen zijn erger gewend, en zijn behoorlijk bedreven geworden in rake antwoorden en zelfspot. U loopt hooguit het risico op Uw nummer gezet te worden, maar kennelijk was dat nodig. Bovendien loopt U dat risico altijd wanneer U toenadering zoekt.

Omdat U roze kneuzen eigenlijk stiekem ergens toch ook wel een beetje zielig vindt? Ach, zielig ben je pas wanneer je hulp nodig hebt en bang bent die te vragen. En bovendien heeft niet elke vrouw bij wie je aan de buitenkant kunt zien dat ze een handicap heeft per definitie meer hulp nodig dan Uzelve. U moet kennelijk ook wel eens over een drempel geholpen worden, al is dat dan geen fysieke.

Omdat U een handicap niet zo aantrekkelijk vindt? Nu betrap ik U toch op een vooroordeel. Het is werkelijk niet de bedoeling dat U op de handicap zelf valt; meestal verschuilt U achter die handicap een aantrekkelijke dame. En als U er even bij stilstaat, realiseert U zich vast dat ook de schoonsten der mensheid ziek kunnen worden of een ongeluk kunnen krijgen. Wij invaliden tellen zelfs een ex Miss Holland in de gelederen, en zelf ben ik van plan een gokje te wagen voor de Miss Wheelchair verkiezingen, als eindelijk iemand zo vriendelijk is die te organiseren.

Omdat U bang bent dat het zo lastig verkeren is met een gehandicapte vriendin? Meestal redden wij onszelf heel behoorlijk, dank U, en van veel handicaps merkt U in het dagelijks gebruik niet zo veel meer. Omdat er goede protheses zijn, wij zo onze eigen categorie hulpmiddelen hebben, en het voor ons van levensbelang is geweest om ons met de hebbelijkheden van ons lichaam vertrouwd te maken.

Omdat U bang bent dat het in bed op niets uitloopt met ons? Doof zijn doet aan het vrijen niet veel af, blinden hebben geoefender vingers dan wie van U ook. Met één hand kunnen wij meer dan U met twee, en bovendien hebben we nooit last van een arm die in de weg ligt. Ooit gezien hoe een kat haar poot even opzij legt om beter bij haar edele delen te kunnen? Sommigen van ons kunnen hetzelfde. Degenen onder ons met een dwarslaesie, die gewoonlijk geen gevoel in hun vagina meer hebben, zijn zo inventief geworden in het ontdekken van de andere mogelijkheden van het lichaam dat het volledige arsenaal van de sekswinkel erbij verbleekt. Van experimenteren weten wij alles.

Weet U – het is meestal Uw spastische gedrag dat ons met de neus op onze handicap duwt. Zelf vinden we die handicap eigenlijk heel normaal, en staan we er niet veel meer bij stil. Die handicap hoort inmiddels bij ons, en heeft ons gemaakt tot wat we nu zijn: doorzetters. Nu U nog.

Rollend de baan op

Natuurlijk is het ons niet komen aanwaaien, net wat U zegt. Er zijn natuurlijk trieste verhalen. Bij voorbeeld dat verhaal wat zich een paar jaar geleden in een verpleegtehuis afspeelde, waar het personeel inmiddels gewend was geraakt aan het idee dat gehandicapte mensen niet automatisch van seksuele gevoelens verstoken zijn. Derhalve werd daar nog wel eens wat geregeld als twee mensen de nacht samen wilden doorbrengen: de betrokkenen bij elkaar in bed leggen, helpen met uitkleden en dergelijke. Tot twee dames het personeel om dezelfde dienst vroegen – toen was het acuut afgelopen, helemaal, ook wat betreft het heteroseksuele verkeer. U kunt zich voorstellen dat die dames er beroerd aan toe waren: niet alleen was hun een heerlijk avondje door de neus geboord, maar ze kregen van hun medebewoners de schuld van de strengere regels.

Maar inmiddels heb ik vooral zoveel mooie verhalen gehoord over mensen met een handicap en seks, dat ik U – mits U beterschap belooft – een kleine bloemlezing daaruit niet wil ontzeggen.

Zo was er die dame die van geen wijken wist: “Ik heb op school nooit iets gehoord over homoseksualiteit, thuis evenmin. Boeken lezen werd onmogelijk gemaakt. Ik kreeg huisarrest toen ik eens naar een vrouwencafé ging. M’n vader vond dat ‘allemaal lesbische wijven, dat komt door het feminisme’; nou, daar heb i­k geen bezwaar tegen! Ik heb altijd van vrouwen gehouden. De eerste keer dat ik lesbische vrouwen zag in het vrouwenhuis dat ik: dat wil ik ook! Hoe het heet, kan mij niet schelen.”

En dat van dan die flikker, die zo zwaar spastisch is dat hij in een electrische rolstoel zit, U weet wel, zo’n rijdend gevaarte. Elke week trekt hij z’n leren outfit aan, doet een riem om met een immens grote koperen gesp, zorgt dat hij gemakkelijk zit en gaat zo de baan op. En reken maar dat hij jongens oppikt.

Of die pot die rolpot werd nadat ze aan een auto-ongeluk een dwarslaesie overgehouden had. Eenmaal thuis na een eindeloze serie ziekenhuizen en revalidatieklinieken was zo’n beetje het eerste wat ze deed een hoer aan huis bestellen, om eens op haar gemak uit te proberen wat ze wel en niet meer kon voelen, en wat ze nú lekker vond.

Verder zou ik de dames onder U die het toch weer eens met een meneer willen proberen, aanraden het onverwijld met een man met een dwarslaesie aan te leggen. Ik heb er een aantal geïnterviewd, en ze beweren stuk voor stuk dat ze na hun ongeluk betere minnaars zijn geworden. Veel geduldiger, en van de weeromstuit ook eindelijk verlost van die rare fixatie op penetratie-en-dat-was-’em-dan.

Mijn eigen mooiste verhaal? Dat komt uit Assen, waar ik de Wereldspelen voor Gehandicapten bijwoonde. Ik heb daar een paar dagen in The Village gebivakkeerd, waar alle deelnemers te vinden waren als ze niet trainden of speelden. Bijna iedereen was gehandicapt, tot aan de pers en de trainers toe, en het was ronduit weldadig om te merken dat niemand op mijn handicap lette. Dat iedereen gewóón tegen me deed.

Bronnen:

  • Het citaat komt uit het boekje “Homo’s met een handicap bestaan niet”, door Agnes van Wijnen, Annemieke van Brandenburg en Rob Tielman, verschenen in 1990 in de Publicatiereeks Homostudies Utrecht deel 16.
  • In september 1991 verschijnt bij uitgeverij Ploegsma Aan hartstocht geen gebrek, een boek over seksualiteit en handicaps, met foto’s van Gon Buurman en tekst van Karin Spaink.

Test uzelve

Hoe vrijgevochten of behoudend zijn Uw seksuele normen?
SEK 1990 (vrouwenspecial)

GEEF OP DE ONDERSTAANDE vragen een zo eerlijk mogelijk antwoord. Streep per vraag slechts één mogelijkheid aan. Na afloop kunt in de tabel opzoeken hoeveel punten elk antwoord scoort. Aan de hand van de behaalde punten bieden wij U geheel belangeloos het definitieve antwoord op de prangende vraag: ‘Ben ik op het lesbisch-seksuele vlak wel modern genoeg?’

  1. Er wordt een lesbische sauna in Uw woonplaats geopend. U verkent het terrein. Wat doet U daar?
    1. U neemt een sauna
    2. U lokt een aantrekkelijke jongedame mee naar de dark room
    3. U gluurt
    4. U maakt her en der een praatje.
  2. In een disco probeert een knappe man U te versieren. Wat doet U?
    1. U zegt: "Ik ben lesbisch!"
    2. U denkt bij Uzelf: "Laat ik het eens proberen…"
    3. U zegt: "Ja leuk, maar laten we wél veilig vrijen."
    4. U begint uitgebreid Uw vriendin te zoenen.
  3. In de COC-disco probeert een knappe flikker U te versieren. Wat doet U?
    1. U voegt hem toe: "Schoenmaker, blijf bij je leest."
    2. U neemt het hem kwalijk dat hij U voor een man aanziet
    3. U bent toevallig op zoek naar een KI donor en neemt hem mee
    4. U bent blij een flikker te vinden bij wie U Uw heteroseksuele gevoelens kwijt kunt.
  4. Op de dansvloer wordt plotseling openlijk een SM-spel uitgevoerd. Wat doet U?
    1. U gaat klagen bij de barvrouw
    2. U probeert tussenbeide te komen omdat U het niet kunt aanzien
    3. U grijpt Uw zweep en springt ertussen
    4. U begint te schelden zonder Uzelf te durven bekennen dat U ondertussen Uw broek uit zwemt.
  5. U wilt een SM-spel doen met een vriendin, maar zij weigert.
    1. U gaat er daarom van uit dat zij de passieve rol ambiëert
    2. U bezit Uw ziel in lijdzaamheid en berust
    3. U doet haar het oeuvre van Pat Califia cadeau in een poging haar ooit zover te krijgen
    4. U accepteert deze kwelling zoals dat een volleerde M betaamt.
  6. U woont samen met Uw vriendin. Zij masturbeert elke avond. Wat doet U?
    1. U gaat de krant zitten lezen
    2. U gaat met de poes zitten vrijen
    3. U meldt haar aan bij een zelfhulpgroep
    4. U randt haar aan.
  7. U woont samen met Uw vriendin. U masturbeert elke avond. Wat wilt U dat Uw vriendin zou doen?
    1. U Uw seksspeeltjes aangeven
    2. Een ommetje gaan maken
    3. U aanranden
    4. Meedoen.
  8. Een vriendin vertelt U dat ze al jaren celibatair leeft. Wat doet U?
    1. U kijkt haar meewarig aan
    2. U knipt alle passende contactadvertenties uit de zaterdagkrant voor haar uit
    3. U bedenkt dat U dat zelf diep in Uw hart ook wel een tijdje zou willen
    4. U leent haar geld voor een chartervlucht naar de Himalaya.
  9. Wat is volgens U de meest beproefde methode om een dame in Uw bed te krijgen?
    1. Alcohol
    2. Een zweep
    3. Wierook
    4. Hasj.
  10. Wat is volgens U de meest beproefde methode om een dame aan de kant te zetten?
    1. U haalt eindelijk Uw zweep uit de kast
    2. U toont haar Uw dildo-verzameling
    3. U opent een fles goede wijn en zegt: "Wij moeten toch eens praten."
    4. U vertelt haar dat U een contactadvertentie voor haar heeft geplaatst.
  11. U heeft een dame voor een nacht opgepikt en gaat samen naar haar huis. Bij het uitkleden gespt zij haar been af. Wat doet U?
    1. U verbleekt
    2. U helpt haar een handje
    3. U legt Uw kunstgebit naast haar been
    4. U zegt dat U vergeten bent de koplampen van Uw auto te doven, en U verdwijnt spoorslags.
  12. U komt onverwacht Uw ex tegen op een feest. Zij wordt vergezeld door haar nieuwe vlam. Wat doet U?
    1. U slaat haar een bloedneus
    2. U valt voor haar voeten neer en begint haar schoenen te kussen
    3. U gaat flirten met haar nieuwe vriendin
    4. U vertelt haar nieuwe vriendin welk een fantástische relatie U beiden nog steeds onderhoudt.
  13. U bent met Uw nieuwe geliefde op een feest. Onverwacht komt U Uw ex tegen. Wat doet U?
    1. U zegt tegen Uw nieuwe vlam: "Liefste, dit is nu die afschuwelijke dame over wie ik je wel eens heb verteld."
    2. U zegt tegen Uw nieuwe vlam: "Dat is ‘er. Vind je het geen schatje?"
    3. U verlaat met een smoes het feest. Stonden Uw autolampen niet nog aan?
    4. U stort per ongeluk een glas rode wijn uit over het witte broekpak van Uw ex.
  14. Uw vriendinnen zien Uw nieuwe geliefde niet zitten. Wat doet U?
    1. U raadt Uw vriendin aan zich voortaan anders te kleden
    2. U neemt een andere vriendinnenkring
    3. U belegt een vergadering met Uw vriendinnen om dit probleem tot op de bodem uit te spitten
    4. U verbetert Uw vriendin in het vervolg publiekelijk.
  15. De ouders van Uw vriendin vinden U te ‘apart’. Wat doet U?
    1. U leent voor het volgende familiebezoekje een volledige SM-uitrusting
    2. U geeft haar moeder de volgende keer in plaats van bloemen een catalogus van Mail & Female cadeau
    3. U trekt bij de volgende gelegenheid de kleren van Uw moeder aan
    4. U vertelt haar ouders uitgebreid over Uw liefste hobby: Hindeloper borduurwerk.
  16. Uw vriendin vertelt U dat ze biseksueel is. Wat is Uw reactie?
    1. U belt onmiddellijk haar vriendje op om een afspraak te maken
    2. U legt haar uit dat haar gevoelens voortspruiten uit een onvolledig voltooid Oidipous-complex
    3. U informeert of ze wel altijd veilig gevreeën heeft
    4. U koopt een dildo.
  17. U hebt een monogame relatie, maar U wilt wel eens vreemd. Wat doet U?
    1. U vraagt Uw vriendin om toestemming
    2. U vraagt Uw vriendin hoe zij dat nu eigenlijk altijd doet
    3. U koopt een pruik en doet ‘t stiekem
    4. U gaat overwerken.
  18. Op een feest ontdekt U in de slaapkamer een groep vrijende dames. Wat doet U?
    1. U zegt: "Schuif eens op…"
    2. U gaat dit ogenblikkelijk melden bij de gastvrouw
    3. U plukt Uw nerts onder een vrijend stel vandaan en vertrekt onaangedaan
    4. U zet de deur op een kier en haalt de anderen.
  19. U zit midden in een versierpartij. Plotseling ziet U op Uw horloge dat thuis ondertussen het eten klaar staat. Wat doet U?
    1. U belt op om te zeggen dat U iets later komt
    2. U belt op om te vragen of er nog een bord bijgezet kan worden
    3. U gaat met de vlam naar de bruidssuite van het Amstel Hotel en bestelt daar een copieuze maaltijd
    4. U keert met een schok terug in de realiteit en zorgt dat U op tijd thuis bent.
  20. Wat is volgens U de spannendste plaats om te vrijen?
    1. De WC van de intercity
    2. Een stapelbed in een vormingscentrum
    3. Het biljart van Saarein
    4. Een glasbak in de Kalverstraat.

Score:

  A B C D
vraag 1: 2 4 3 1
vraag 2: 1 4 3 2
vraag 3: 1 2 4 3
vraag 4: 2 1 4 3
vraag 5: 3 1 2 4
vraag 6: 1 2 3 4
vraag 7: 3 1 4 2
vraag 8: 2 1 3 4
vraag 9: 3 4 1 2
vraag 10: 4 2 1 3
vraag 11: 3 2 1 4
vraag 12: 4 1 2 3
vraag 13: 4 2 1 3
vraag 14: 2 4 1 3
vraag 15: 4 2 3 1
vraag 16: 1 2 3 4
vraag 17: 1 4 3 2
vraag 18: 4 1 2 3
vraag 19: 3 2 4 1
vraag 20: 3 1 2 4

Tien of meer keren 1 aangestreept:

Zonder enige twijfel bent U de liefste, en vriendelijkste lesbo die deze test heeft ingevuld. U vriendinnen mogen alles van U – geen onvertogen woord zal van Uw lippen rollen. U zult nooit iemand bruskeren, laat staan attaqueren; tolerantie staat hoog in Uw vaandel geschreven. Maar eerlijk gezegd vrezen wij dat een en ander minder te maken heeft met de nobelheid van Uw karakter: U bent simpelweg bang aangelegd, en U wilt wat al te graag aardig gevonden worden. U huivert voor alles wat U niet kent. Bovendien vermoeden wij dat het U volstrekt ontbreekt aan initiatief. Een beetje meer expirimenteerlust zou geen kwaad kunnen!

Tien of meer keren 2 aangestreept:

U bent het type dat het Handboek Der Lesbische Padvindster er op na slaat om op te zoeken wat U van vreemd gaan moet vinden. U wijst nieuwlichterij af – tot Rich, Dworkin of Lulan er hun goedkeuring aan hechten. Uw hang naar autoriteit en Uw verering van het gedrukte woord grenst aan het dogmatische. Nooit gemerkt dat zelfs de theoretici tegenwoordig de mond vol hebben van lust, plezier en verwarring? Speciaal voor U hebben wij een ernstig en welgemeend advies: misschien zou U in plaats van boeken over seksualiteit voor de verandering eens een dame mee naar bed moeten nemen.

Tien of meer keren 3 aangestreept:

Het moet ons van het hart: U bent hypocriet. Hoeren en snoeren zonder de consequenties te willen dragen, en als iemand iets doet wat U niet zint gaat U bij de eerste de beste vermeende autoriteit staan klagen in plaats van zelf in te grijpen. U wilt op seksueel gebied wel wat uitproberen, maar zodra het werkelijk spannend wordt poetst U de plaat. Wij raden U sterk aan Uw experimenten voorlopig te beperken tot het lezen van vieze boekjes; daar hebben anderen tenminste geen last van. En laat Uw bestellingen bij Mail & Female in het vervolg toch naar Uw huisadres sturen in plaats van naar de postbus!

Tien of meer keren 4 aangestreept:

Ah – de mevrouw die vindt dat alles moet kunnen. Niets is U te dol. U spreekt over tolerantie en taboes doorbreken, U eist Uw rechten op het seksuele vlak met verve op, U gedraagt U als een ware geus van de panseksualiteit. U verwacht bovendien daarom geprezen te zullen worden. Helaas – volgens ons is egoïsme Uw enige ware drijfveer, en bovendien vermoeden wij dat U als gevolg van Uw hang naar een voortrekkerspositie feitelijk niets anders doet dan met alle winden meewaaien, uit angst om voor ouderwets versleten te worden. Iets meer oog voor de medelesbo zou U werkelijk sieren.

Nieuwe verhalen

Zelden in de geschiedenis van de tv werd er zo reikhalzend uitgekeken naar het slot van een serie als afgelopen weekend. Na vijf jaar zou Breaking Bad tot een einde komen. Al maandenlang hadden wij fans daarover collectief de kriebels.

We wilden eigenlijk niet dat de serie zou stoppen. Al wie Breaking Bad had gevolgd, was immers totaal verslingerd geraakt. Maar we wisten ook dat het verhaal tegen de keer in oprekken erger zou zijn. Andere recente series die geniaal waren begonnen, hadden zichzelf intussen allang de vernieling ingedraaid, zuiver omdat ze geen punt achter hun eigen verhaal durfden te zetten. Denk maar aan Dexter, of aan Mad Men.

Dat Breaking Bad moest ophouden, accepteerden we daarom. Wij fans waren zelfs openlijk trots dat de makers van deze serie het wél aandurfden om er een wrange streep onder te zetten, in plaats van hun succes eindeloos uit te melken.
Maar dan toch: hoe zou de serie aflopen? Werd er alsnog een zoet einde aan gebreid, of ging de destructie – die al in de eerste aflevering was ingezet – als vanouds genadeloos en onbeheersbaar door?

Wees gerust. Breaking Bad eindigde snoeihard en onverzoenlijk, en slaagde er tegelijkertijd in om alle losse eindjes prachtig aan elkaar te knopen. Op IMDB kan de slotaflevering van de serie momenteel bogen op een ongehoord hoge score: gemiddeld 9,9. Hoger kun je haast niet komen.

Maar Breaking Bad staat niet op zichzelf.

Er is iets aan het veranderen. Voorheen was de film het geprivilegieerde medium. De bioscoop was bij uitstek de plek waar experimenten werden uitgevoerd en waar het ‘betere’ verhaal centraal stond. De tv hadden we allang afgeschreven. TV stond symbool voor kort en oppervlakkig vermaak.

Inmiddels lijken de rollen finaal te zijn omgekeerd. In een film heb je anderhalf, hooguit twee uur tijd om een verhaal te vertellen. In een goede serie heb je daarvoor echter minstens tien uur tot je beschikking– en met wat mazzel, bovendien meerdere seizoenen. Film wordt zodoende steeds meer het medium voor een kort verhaal, terwijl tv-series tegenwoordig een heuse – en complexe – roman mogen neerzetten.

Ook in gesprekken klinkt die verandering door. In mijn kennissenkring worden aanbevelingen voor films nog steeds hartelijk uitgewisseld. Maar de vraag ‘Welke tv-series volg jij momenteel nou? Heb je misschien nog een goede tip voor me?’ hoor ik tegenwoordig eigenlijk veel aker.

Vijf jaar geleden vroeg niemand je zoiets. TV-series bevonden zich onder de radar, ze waren hooguit een heimelijk genoegen. Maar tegenwoordig zijn tv-series hot: er is ineens een overvloed aan goed gemaakte, complexe en doordachte verhalen. Betere dan wat de cinema kan bieden.

(Mijn tips? House of Cards, Orange is the New Black, en vooral: Orphan Black.)

Kijk tv. Geef lange verhalen de ruimte, want dat kan nu weer.