Tentoongesteld

AANGEZIEN SCIENTOLOGY MIDDELS een tentoonstelling “meer openheid” beloofde, leek het een aantal critici een goed idee om deze tournure te testen. We vroegen een demonstratievergunning aan, maakten een stapel folders waarop feiten stonden die Scientology zelf nooit wil toegeven en togen naar Hotel American waar Scientology acte de présence zou geven.

Binnen tien minuten was het raak. Een groep leden omsingelde een van ons en begon tegen hem te schreeuwen. “Wat zijn je misdaden? Wie heeft je betaald?” Scientology leert haar leden namelijk dat critici uitsluitend verdorven mensen zijn en gelooft heilig in complotten: wie kritiek op ze heeft moet derhalve zelf fout zijn of is opgestookt en omgekocht.

Iets verderop, langs het Leidsebosje, deelde de rest van ons clubje folders uit aan de passanten. Informatie over cursusprijzen en de verplichte “donaties” (wie de hogere cursussen wil volgen is al snel een paar ton kwijt), over de hoogste leer van Scientology die zelfs voor leden lang geheim wordt gehouden, over de dagelijkse praktijk in de sekte en over de kadaverdiscipline. Scientology, ook niet mal, stuurde leden naar buiten die prompt ook begonnen te folderen. Wat wij best vonden.

Minder aardig was dat die leden expres pal voor ons gingen staan of zichzelf schielijk tussen ons en een reikende hand manoeuvreerden om te voorkomen dat mensen ons materiaal aannamen. Er ontstonden potsierlijke rondedansjes waarbij wij achter hun rug wegliepen, folders uitdeelden, gespot en opnieuw geblokkeerd werden en daarna weer achter hun rug wegstapten.

Scientology heeft als leus: “Denk voor jezelf”. Veel waarde hechten ze kennelijk niet aan die leus, want terwijl ze voorbijgangers hun foldertjes gaven pikten ze meteen onze flyers af. Sommige passanten graaiden de gejatte flyers resoluut terug, anderen waren verbijsterd en boos, of kwamen ons om een nieuw exemplaar vragen. Gaandeweg begonnen we mensen die een folder van ons wilden te waarschuwen: pas op, die man daar verderop zal proberen u dit af te nemen. Dan keek zo’n passant ons bevreemd aan, liep aarzelend verder, bekeek de flyer even, keek op en zag ineens die grissende hand naderen. In een reflex hielden ze onze folder dichter bij hun lichaam, deden nog een paar passen, draaiden zich om, keken in opperste verbazing naar die zot die hen dat papiertje had willen ontnemen, lazen het foldertje aandachtiger, en dan viel het kwartje: “Verhip. Die vent is natuurlijk van Scientology. Jakkes, wat een engerd.” Bingo.

Het is zo makkelijk om tegen Scientology te demonstreren. Ze doen niets dan ons gelijk aantonen.

De politie kwam. Ze waren diverse malen gebeld door “bezorgde burgers” die hadden gemeld dat wij agressief waren jegens de scientologen en de voorbijgangers. De agenten geloofden dat van die “bezorgde burgers” niet zomaar. Wij ook niet. Bovendien kenden wij die truc. Waarna Scientology zich bij de agenten bekloeg over de tekst van onze folders en eiste dat we die ter goedkeuring voorlegden of anders ophielden met folderen. Welnee, lachten de agenten, dat hoeft helemaal niet, vrijheid van meningsuiting enzo. Maar nu ze er toch waren, mochten zij misschien even de demonstratievergunning van Scientology zien? Zij deelden immers ook folders uit?

Bleke gezichten, geschrokken ogen. Oh hemel, een vergunning, ja ehm, nee wacht… Nu bleek dat Scientology helemaal geen vergunning had. De politie droeg hen op te stoppen met uitdelen. Waarna wij zeiden dat ze wat ons betreft best mochten doorgaan, een grootmoed die naar wij dachten tot een wapenstilstand kon leiden maar die de scientologen slechts bitterder maakte. De verbeten blikken werden heftiger, de staarsessies frequenter. (Scientologen geloven dat ze hun “intenties” aan iemand kunnen opleggen door hem langdurig en onafgebroken aan te staren.)

Aan het eind van de demonstratie kwam een scientoloog naar me toe. “Ik hoop dat je morgen nog kunt lachen,” beet hij me toe. Ik reageerde niet. De man liep weg en kwam na een paar seconden terug. “Ik hoop voor jou echt dat je morgen nog lachen kunt,” snauwde hij nogmaals. Weer liep hij weg en kwam hij terug. “Morgen zullen jouw sadomasochistische praktijken wereldwijd worden uitgemeten,” kreet hij ditmaal, en spreidde zijn armen om aan te geven hoe breed de wereld wel was. Hij stond even stil met zijn armen in de leegte gestoken, als een Jezus aan een luchtkruis. “Nu, dan hoop ik het flatteuze foto’s zijn,” antwoordde ik, en negeerde de man verder. Woedend stapte hij weg.

Pure intimidatie, maar niet effectief en bovenal dom. In Nederland kijkt niemand nog echt op van seks, niet sinds Kamerleden het voor de Playboy op het pluche van het Binnenhof deden, en zeker niet sinds Broertje Büch de tv ermee overlaadde. Deed ik aan SM, dan zou ik me daar niet voor schamen, maar ik denk niet dat Panorama of De Telegraaf dergelijke foto’s zonder mijn toestemming zou publiceren. Zou Scientology ze in hun eigen blaadjes afdrukken, dan schokken ze er vooral hun leden mee en jagen ze de publieke opinie tegen zich in het harnas.

Wat denkt Scientology met zo’n mal dreigement te winnen? Als ze zouden nadenken wisten ze het antwoord: niets. Maar ze denken niet na, ze volgen slechts Hubbard, hun goeroe aan wiens woord niet getwijfeld mag worden. Hubbard schreef: “Stel vast wie ons belaagt; onderzoek al hun overtredingen en misdaden .. en voer de pers bewijzen van hun sensationele, bloederige sexpraktijken. Accepteer nimmer lijdzaam een onderzoek naar ons maar pak onze aanvallers waar je maar kunt.” (Hubbard, HCOPL 25-2-1966). Een aanpak die niet alleen getuigt van demonisering van tegenstanders, maar ook ontstellend achterhaald is. Dat komt ervan als je je ideeën in de jaren vijftig en zestig hebt ontwikkeld en sindsdien verplicht hebt stilgestaan: het koude-oorlogsdenken en de benepen seksuele moraal druipen ervan af.

Maar goed. We hebben de privé-detectives gehad, mijn vuilniszakken zijn maandenlang onderzocht (zodat ik elke keer met de groeten aan Scientology de kattebak erin leeggooide), ik word al vijf jaar met rechtszaken belaagd (die ik steeds win, en dan gaan ze weer in beroep), en nu zijn we toe aan de “lurid sex crimes”. Wereldwijd tentoongesteld, maar liefst.

Bij een volgende demonstratie moest ik mijn zweepje maar eens meenemen.


Schrijf een reactie

E-mail adressen worden niet getoond noch aan derden doorgegeven.
Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *