Panoussis vs Scientology, dag 2
McShane snelt Zenon te hulp
Netkwesties, 19 januari 2001
VANDAAG WORDT McShane, president van RTC
(Scientology's copyright divisie) onder ede
gehoord. We hebben dat eerder meegemaakt, namelijk
in de vorige zaak. McShane is eerlijk. Hij liegt
niet, en, wat belangrijker is, hij gelóóft wat hij
zegt. Het enige probleem met zijn getuigenis is
dat het rechtsgevoel van de gemiddelde Scientoloog
nogal afwijkt van wat normaal is, en daarmee ook
zijn waarheid.
Een belangrijk deel van McShanes getuigenis draait
om de vraag hoe goed Scientology de OTs en NOTs
beschermd heeft. McShane legt uit dat het
materiaal permanent bewaakt wordt, dat het achter
dikke deuren ligt die automatisch worden
geblokkeerd als ergens iets fout gaat, dat de
mappen met het cursusmateriaal via pluggen met een
computer verbonden zijn en dat zodra een map
langer dan dertig seconden los is, de hel losbreekt.
Zenon en ik knikkebollen, we kennen dit verhaal.
Bovendien is het niet relevant. Dat ze nú goede
bescherming hebben, zegt niets over vroeger: de
OTs en NOTs zijn regelmatig in handen van anderen
gevallen, al was het maar omdat je vroeger je
studiemateriaal mee naar je Scientologenhuis mocht
nemen. Wat meer is: ook al bescherm je iets
genadeloos, het enige dat wettelijk telt is
hoeveel mensen die stukken hebben gelezen.
Scientology claimt immers dat dit materiaal
ongepubliceerd is en slechts in kleine, besloten
kring is verspreid. Zolang een tekst niet
officieel is gepubliceerd, zijn er meer
restricties dan na publicatie: je mag als derde
bijvoorbeeld geen kopie voor eigen gebruik hebben,
en je mag er niet uit citeren. Wat Zenon wil is
bewijzen dat het OT-materiaal op zulke grote
schaal is verspreid dat het als gepubliceerd moet
worden beschouwd, wat derden meer rechten geeft
ten opzichte van die teksten. De Nederlandse
rechter heeft precies dat vastgesteld, maar de
Zweedse rechter oordeelde eerder anders.

McShane legt uit dat mensen niet betálen wanneer
ze deze teksten willen bestuderen. Ze hoeven
alleen maar een "vaste donatie" te doen. In het
geval van OT3 is dat 6000 dollar. Nu kunnen wij
dat veel vinden, maar we moeten beseffen dat
Scientology een relatief nieuwe religie is en dat
het oprichten van een kerk een dure aangelegenheid
is: er komt huur aan te pas, de staf moet betaald
worden, boeken moeten worden gedrukt,
promotiemateriaal aangemaakt, goede doelen
ondersteund, lobbies opgezet.
Maar hoeveel mensen hebben OT3 nu precies gelezen,
vraagt de rechtbank. "Zo'n vijfentwintig duizend,"
zegt McShane trots. De rechtbank knikt
bedachtzaam. Vijfentwintig duizend, dat is bepaald
geen besloten kring te noemen, zie je ze denken.
Later in zijn verhoor laat McShane zich per
ongeluk ontvallen dat de OTs vertaald zijn.
"Vertááld?" vraagt de voorzitter van de rechtbank.
Ja, zegt McShane, dat is een enorme en minutieuze
klus: want voor elk woord moet je heel precies de
exacte betekenis vaststellen, als er ook maar iets
misgaat en een nuance vergeten wordt, verliest het
materiaal zijn spirituele kracht.

De Scientologen moeten de rechtszaal uit, alleen
de eiser en gedaagde mogen blijven: dit deel van
het verhoor vindt achter gesloten deuren plaats,
omdat McShane de rechtbank de OTs en NOTs zal
laten zien. Scientology wil geheimhouding. Ik mag
blijven: tijdens dit deel van de rechtszaak
fungeer ik als Zenons "biträde", zijn juridisch
assistent.
We lopen allemaal naar voren. McShane haalt Het
Materiaal tevoorschijn. Werden de OT-levels in
mijn eerste rechtszaak nog in vergulde koffers
vervoerd en met omzichtige eerbied behandeld, nu
pakt McShane simpelweg drie zwarte mappen uit zijn
bagage. Ze zien er eigenlijk nogal onooglijk uit.
McShane legt de mappen voor de rechters neer en
bladert er doorheen. We zien OT3: deels
handgeschreven, deels typoscript. McShane pakt
OT2. "Kijk, dit is een separaat werk," wijst hij,
en toont een pagina met tien, twaalf regels tekst.
"Andere werken binnen OT2 zijn langer," en hij
toont een 'werk' van een pagina of vijf.
Zenon herkent iets. "Wacht, mag ik even?" zegt
hij, en neemt OT2 van McShane over en bladert
erin. McShane krimpt ineen: een 'suppressive'
heeft zijn heiligste der heiligen in handen en hij
kan er niets tegen doen. Zenon pakt zijn eigen
Fishman Affidavit erbij en vergelijkt het
twaalf-regelige 'werk' met de versie ervan in het
Fishman Affidavit. "Kijk," zegt hij, "ik heb er
maar vier regels uit geciteerd. Maar RTC heeft dit
aangemerkt als auteursrechtinbreuk." We zien meer
van zulke voorbeelden. Ergens in een OT2-werk
staat een lijst met uitleg. In het Fishman
Affidavit staat alleen de lijst, zonder enige
toelichting - dat kan zelfs niet als citaat worden
beschouwd, maar toch heeft RTC dit aangemerkt als
een volwaardige inbreuk op hun auteursrecht.
McShane haast zich om dit principe uit te leggen.
"U moet begrijpen," zegt hij tegen de rechtbank,
"dat deze woorden voor ons grote betekenis hebben
en dat ze confidentieel zijn. Gebruik ervan kunnen
wij niet toestaan en is daarom auteursrechtinbreuk."
Begrijp ik hem goed? Zegt McShane nu écht dat ze
copyright op losse woorden hebben? Ja, ik begrijp
hem goed. En hij meent het, hij gelooft dat echt.
Het probleem is alleen dat zijn overtuiging niet
spoort met de normale rechtsopvatting. "Dus zulke
woorden mogen niet gebruikt worden", vraagt Zenon
voor de zekerheid. "Nee," zegt McShane. "En ook
parafrasering is auteursrechtinbreuk."
Ik juich inwendig. Ik weet dat McShane dit vindt,
hij heeft in andere rechtszaken precies hetzelfde
beweerd, maar dat hij deze enormiteit hier en nu
uitspreekt is een godsgeschenk: hij geeft de
rechtbank het ene na het andere argument om
Scientology's claims met heel veel reserve te
bejegenen.

Dit is een serie rechtbankverslagen in de zaak Scientology vs. Panoussis, geschreven naar
aanleiding van de zittingen in januari 2001:
- Dag 0, 17 januari: Armoedzaaier versus multinationale sekte
- Dag 1, 18 januari: Verknipte stukken
- Dag 2, 19 januari: McShane helpt Zenon
- Volgende: Dag 3, 22 januari: Scientology's wraak
- Dag 4, 23 januari: Kinderachtige spelletjes
- Dag 5 & 6, 24-25 januari: Onaanvaardbare waarheden
- Dag 7 & 8, 26-27 januari: Water naar de zee dragen.
Een eerdere serie werd geschreven n.a.v. de hoorzittingen
van mei 1998 in Zenons zaak. Die serie is uitsluitend in het Engels voorhanden.
Copyright Karin Spaink.
Deze tekst wordt uitsluitend
voor persoonlijk gebruik aangeboden.
|