Illegalen klagen niet
Het Parool, 29 november 2005
Waarom zijn wij eigenlijk zo streng tegen mensen die illegaal in
Nederland zijn? Het verhaal is dat ze onterecht profiteren van
'onze' samenleving, maar de werkelijkheid is anders. Wij profiteren
van hen. Zij doen het werk dat overblijft, het werk dat legale
Nederlanders niet willen omdat het te smerig is, te slecht betaalt
of te riskant en zwaar is. Ze doen werk zonder status, en wat meer
is: ze doen dat zonder rechten te kunnen uitoefenen op
arbeidsbescherming, op doorbetaling bij ziekte of op al die andere
garanties die wij vanzelfsprekend vinden - zolang het om onszelf
gaat, tenminste.
We profiteren van hen. Ze zijn goedkope, want rechteloze
werkkrachten. Ze zorgen voor onze kinderen, ze maken onze huizen
schoon, ze knappen onze zolder en het trappenhuis op. Hun illegale
arbeid stelt anderen in staat om legaal te werken. Veel Nederlandse
vrouwen zouden zonder hun hulp hun geld niet buitenshuis kunnen
verdienen: legale kinderopvang is immers buitengewoon duur en te
weinig flexibel. Sommige Nederlanders verrijken zich aan illegalen:
die vragen woekerhuren voor te kleine kamertjes waar te veel mensen
in moeten verblijven. Want illegalen klagen niet.
'Om hier in Nederland rond te kunnen komen, maakt ze lange dagen en
heeft ze bijna nooit vrij. Ze werkt zeven dagen per week,' schreef
Ferrie, een vriend, me gisteren. Hij had het over zijn vriendin die
sinds een paar dagen ondergedoken zit. Een van de vrouwen met wie ze
een kamer deelt is van de week opgepakt en Nederland uitgezet omdat
ze geen papieren had. Nu durft Ferries vriendin niet meer naar haar
eigen kamer.
Eigenlijk durft ze zelfs niet meer op straat maar ze kan niet
anders, ze moet immers geld verdienen. Bovendien kan ze het zich
niet permitteren niet op haar oppas- of schoonmaakadressen te
verschijnen, ze riskeert dan ontslag. Niet dat de mensen waar ze
werkt zo hard zijn, in tegendeel, die mogen haar graag en hebben
begrip voor haar lastige situatie. Maar ja, ze moeten er wel op
kunnen rekenen dat ze ook daadwerkelijk op komt dagen, anders valt
hun eigen werk in duigen.
Ferries vriendin doet meer dan alleen Nederlandse gezinnen draaiend
houden. 'Van het geld dat ze verdient, gaat een deel direct terug
naar het land waar ze vandaan komt,' schrijft hij. Zulke familiesteun
is overigens buitengewoon nuttig. Onderzoek wijst telkens uit dat
het geld dat mensen vanuit het Westen naar hun familie in armere
landen sturen, meer effect heeft dan 'anonieme' ontwikkelingshulp.
Waarom zijn we zo gebeten op illegalen? Zijn ze geen
schoolvoorbeeld van wat het kabinet voorstaat? Ze zijn één en al
eigen verantwoordelijkheid en eigen initiatief, ze doen hun uiterste best om
hun positie te verbeteren, ze regelen al hun zaakjes zelf, ze werken
hard en zijn betrouwbaar, ze zijn de steun en toeverlaat van veel
gezinnen. Ze zijn van niemand afhankelijk, behalve van onze
goedgunstigheid: één verrader volstaat om hun leven hier te doen
instorten, zoals bij Ferries vriendin is gebeurd. 'En dat, terwijl
ze eigenlijk een medaille zou moeten krijgen voor de omstandigheden
waarin ze haar werk doet en de moeite die ze doet om haar familie in
het land van herkomst te onderhouden.'
Zoals deze vrouw zijn er velen hier. Dat illegalen makkelijk
betaald werk vinden is het beste bewijs dat er behoefte is aan hun
aanwezigheid. We zouden het lef moeten hebben onze behoefte aan hen
te erkennen.
Copyright Karin Spaink.
Deze tekst wordt uitsluitend
voor persoonlijk gebruik aangeboden.
|