Zelfmoord per internetdokter
Het Parool, 22 maart 2005
De inspectie stelt momenteel onderzoek in naar de arts die een 44-jarige
Gelderse vrouw via internet een recept voor Depronal gaf: de vrouw
blijkt de pillen gebruikt te hebben om zelfmoord te plegen. De
Tweede Kamer stond op haar achterste benen en eiste een verbod op
het voorschrijven van medicijnen via internet. De ECD/FIOD kondigde
een 'diepgaand onderzoek' aan naar internetartsen en -apothekers.
Volgens mij heeft internet er niets mee te maken. Die mevrouw
beduvelde een arts en maakte hem tot instrument van haar dood. Ze
had dat ook kunnen doen door in levende lijve bij zomaar een arts
langs te gaan en daar een zielig verhaal te vertellen over vakantie,
vergeten pillen en ondraaglijke rugpijnen, of had een willekeurige
arts kunnen bellen met datzelfde verhaal. Ze had redelijke kans
gehad dat ze ook dan in haar opzet was geslaagd. Artsen zijn
tegenwoordig weliswaar voorzichtig met het voorschrijven van
Depronal, juist omdat het medicijn zo effectief is voor zelfmoord,
maar dat is een kwestie van de paar pillen die je dan per keer
krijgt opsparen en stug (of juist met grote tussenpozen) om
vervolgrecepten vragen, of shoppen totdat je een arts vindt die in
je leugens trapt.
Wie dood wil, slaagt daar meestal wel in. Daar kan die
internetdokter niet veel aan doen. Omdat mensen in spoedgevallen
bij een dokter terecht moeten kunnen die niet de hunne is, is er
geen sluitende methode te verzinnen die bedrog of misbruik uitsluit.
Temeer daar wie wanhopig naar de dood zoekt, inventief raakt. Geen
enkele arts heeft grip op de manier waarop patiënten de
voorgeschreven middelen gebruiken: netjes gedoseerd zoals bedoeld,
of als bewuste overdosis.
De arts in kwestie meldt in een persbericht (dokteronline.com)
terecht dat de KNMG begin dit jaar een richtlijn heeft aangenomen
die het aanvragen van medicijnen via internet onder voorwaarden
mogelijk maakt. Tevens wijst hij erop dat het voordeel van een
consult via internet boven het meer gebruikelijke telefonische
consult is dat via internet alle informatie die uitgewisseld wordt,
meteen vastligt en gedocumenteerd is: in die zin werkt hij
transparanter, en derhalve meer controleerbaar, dan collega's die
per telefoon een recept afgeven.
(Waar ik overigens wel van schrok, was zijn zijdelingse uitleg
waarom je geen recept nodig hebt voor een succesvolle zelfmoord.
'Met 20 tabletten paracetamol, vrij verkrijgbaar bij benzinestation
en supermarkt, kan iedereen suïcide plegen.' Met twintig
paracetamols kun je hooguit je lever beschadigen maar dood ga je er
niet van. Een gevaarlijk advies. Ik hoop werkelijk dat zijn verdere
kennis van het farmaceutisch repertorium diepgaander is dan hier
geëtaleerd.)
Onder deze rel gaan drie belangrijker kwesties schuil. Een: we
wijzen kennelijk nog steeds makkelijk naar het internet als bron
van veel kwaad, zonder ons er voldoende rekenschap van te geven dat
het internet niets anders is dan een communicatie- en
informatiekanaal. Fouten die mensen op internet maken, maken ze ook
daarbuiten: het gaat om de fouten, niet om het medium. Twee: we
hebben een kennelijk panische behoefte om fouten en misbruik uit te
sluiten, en zijn dan - vrees ik - bereid het kind met het badwater
weg te gooien. Drie: we hechten tegenwoordig aan mondige patiënten
die vaardig gebruik maken van moderne techniek, maar oh wee als ze
dan iets doen dat Den Haag niet aan staat.
Copyright Karin Spaink.
Deze tekst wordt uitsluitend
voor persoonlijk gebruik aangeboden.
|