Hoop, ten lange leste
Het Parool, 10 augustus 2004
'Hoop is eng,' schreef
ik in 1994, toen interferon-beta
besproken werd als medicijn voor multiple sclerose. 'Stel je voor
dat ik de hoop de vrije teugel zou geven en het medicijn, zoals al
zoveel eerdere, achterblijft bij de verwachtingen? Voorzichtig zijn,
Spaink, en vooral voorzichtig blíjven. Asjeblieft niet gaan
verlangen naar genezing. Dat kost me te veel, bijvoorbeeld mijn
gemoedsrust.' Sinds ik in 1987 ms kreeg, wist ik dat 't ongeneeslijk
is. Ik had me daarbij neergelegd: ja weinig keus natuurlijk, dan ga
je vanzelf zwemmen in plaats van te verzuipen.
De komst van interferon-beta, dat aanvankelijk jubelend werd
besproken, joeg me indertijd angst aan. Het zou natuurlijk geweldig
zijn als het werkte, maar indien de resultaten tegenvielen zou de
klap daarna des te harder zijn. Juist die klap vreesde ik: zo ging
het vaak bij medicijnen tegen ms.
Interferon kwam en had nogal wat bijwerkingen, haalde daarnaast
minder uit dan verhoopt en zelf kwam ik er niet voor in aanmerking.
Mijn lichaam deed ondertussen zelf al wat het middel moest
bewerkstelligen, namelijk stabiel worden, zodat een middel dat
nieuwe aanvallen hielp voorkomen, voor mij niet zo zinnig was. Bij
veel mensen die wél erg hard iets tegen ms nodig hadden, hielp
interferon-beta meestal niet genoeg. Ook is het een omslachtig
middel: drie maal per week prikken, compleet met pijnlijke beurse
plekken. Plus dus die bijwerkingen.
Begin volgend jaar komt er een nieuw medicijn voor ms op de
markt: Antegren, intussen omgedoopt tot Tysabri. Het is zo'n modern designer medicijn, waarbij
heel nauwkeurig specifieke receptoren worden uitgeschakeld en hun
werking zodoende wordt geblokkeerd. Antegren maakt bepaalde
immuuncellen immobiel, zodat die niet langer naar de hersenen en het
ruggenmerg kunnen reizen. Juist deze immuuncellen lokken bij ms de
destructieve tegenreactie uit (de zg. auto-immuunreactie) en vallen
dan lichaamseigen weefsel aan: ze vreten de beschermende laag van
het centraal zenuwstelsel op. Die beschermlaag herstelt zich wel,
maar elke keer iets minder; die beschadigingen zorgen uiteindelijk
voor blijvende handicaps.
De onderzoeksresultaten zijn dermate positief dat het medicijn
een versnelde procedure voor goedkeuring in de Verenigde Staten
mocht doorlopen; het middel komt nu naar verwachting begin 2005 op
de markt. Ik knipperde met mijn ogen toen ik het hoorde: Antegren
lijkt 60 tot 95% van de aanvallen te voorkomen. Zestig tot
vijfennegentig procent: dat betekent dat veel mensen met ms
aanzienlijk minder gehandicapt zullen raken, en sommigen feitelijk
nog maar weinig last zullen hebben van de ziekte. Het spul is
bovendien makkelijk toe te dienen: eenmaal per maand een infuus, en
dat zonder al te veel bijwerkingen. Al met al niets minder dan een
wonder.
Er is reden tot voorzichtigheid. Het middel zal niet bij iedereen
aanslaan, net zoals de triple therapy niet bij elke aids-patiënt
iets uithaalt, en daarnaast kunnen die 5 tot 40% van de aanvallen
die wél doorgaan, er alsnog flink inhakken. Maar niet eerder is er
een middel ontwikkeld met zo'n hoge succesfactor, en wat meer is:
het onderzoek is een nieuwe weg ingeslagen. Bij eerder ontwikkelde
remedies bestond altijd onduidelijkheden hoe die precies werkten,
terwijl dat bij Antegren klaarhelder is.
Wellicht wordt multiple sclerose beheersbaar. Ik hoop het van
harte. Niet zozeer voor mezelf - ik ben immers nu redelijk stabiel -
maar voor Felipe. Voor Susan. Voor Ivo. En voor al die andere mensen
die het nog niet zo lang hebben.
Copyright Karin Spaink.
Deze tekst wordt uitsluitend
voor persoonlijk gebruik aangeboden.
|