Muskus

Voor de bundel Een absolute mus kreeg ik het woord ‘majordomus’ toebedeeld. Daar heb ik braaf iets voor geschreven, maar ik vond ‘t een wat saai woord. Zelf bedacht ik ‘muskus’ en dat mocht ik toen ook doen. Joep Bertrams maakte er bijgaande prachtige tekening bij.

Muskus

—- ineens, onverwacht, iemand willen zoenen, en alleen al doordat dat verlangen in je opspringt plotseling zo verlegen worden dat je zenuwen ritselen en je hart fladdert en bonkt van schrik. Je huid prikt. Even draait de wereld en je houdt je aan de tafel vast. Je likt je lippen van anticipatie, van nervositeit, van zallik of zallikniet, van oh hemel.

Je hart wordt rood, je voelt het groter groeien, je hart welt op naar je lippen. Je haalt diep adem. Je denkt: pas op de plaats. Je denkt: oh jee. Je denkt: zallik. Je denkt: zallikniet. Je oren suizen.

Je haalt diep adem. Het duizelt je een beetje. Je wordt licht in je hoofd. Je lippen branden. Je hart ligt erop.

Blijven ademhalen, in, uit, in, uit, doen of er niks aan de hand is. Met elke ademtocht proef je zijn geur op je lippen waar je hart ligt. Een diepe, dierlijke geur.

Je bloost.


Aantal reacties: 14