We kunnen het regelen

Wetenschappers die beleid onder de loep nemen: dat leidt vaak tot grote vrolijkheid bij de lezer en tot schrik en acute leesblindheid bij de makers van dat beleid. Zo ook bij het rapport dat een aantal wetenschappers opstelde over de effectiviteit van het kinderpornofilter, dat door de politie wordt opgesteld en door een paar providers wordt gehanteerd.

Een paar maanden geleden toonde ik aan dat het filter niet alleen een ratjetoe was – de ene site werd geblokkeerd, de andere, volkomen vergelijkbare site juist weer niet – maar vooral dat het filter onder valse voorwendselen werd gepropageerd. Alleen sites die geparkeerd stonden in landen waarmee Nederland geen justitiële contacten had, zouden erop belanden, bezwoeren minister en politie het parlement. Ik trof echter uitsluitend sites aan die vanuit Engeland, de VS en Nederland werden ontsloten. Nadat daarover Kamervragen waren gesteld, bleek dat de politie de standplaats van de sites op het kinderpornofilter maar eens in de twee maanden controleerden. Een rare luiheid: het is iedereen die iets van kinderporno afweet, bekend dat zulke sites om de haverklap verhuizen om ongrijpbaar te blijven.

Enfin. Nu is er dus een wetenschappelijk rapport over de kwestie, en de geleerden maken mootjes van het beleid. Je richten op websites heeft niet zoveel zin, want uitwisseling van kinderporno vindt hoofdzakelijk elders plaats: in nieuwsgroepen, via chats, op virtuele harde schijven (ruimte bij een provider die niet algemeen toegankelijk is en die met anderen kan worden gedeeld), en via peer-to-peer programma’s. De procedures en de criteria voor opname op de lijst zijn bepaald niet duidelijk en er wordt niet getoetst. Het onderhoud van de lijst is slecht en traag.

Erger: niemand weet of websites wegfilteren überhaupt helpt en niemand wil het eigenlijk weten. We verwachten dat het effectief is, maar daar is eigenlijk weinig indicatie voor. Nog erger: er is geen wettelijke grondslag voor het huidige convenant tussen politie en enkele providers. Dergelijke afspraken zijn niet rechtsgeldig, ook al heeft het parlement nog zo hard geroepen dat zo’n filter verplicht door alle internetproviders gevoerd zou moeten worden. Nog erger: het Meldpunt Kinderporno weet te vertellen dat klachten over in Nederland gehoste kinderpornosites sinds 2006 zijn verzevenvoudigd.

Hoorde u die knal? Dat was het geluid van een minister onder wiens vloer het fundament werd weggetrokken.

Hirsch Ballin – de minister in kwestie – had vier maanden nodig om te bekomen van zijn kwetsuren en een triplex vloertje te leggen. Het rapport werd gisteren na vier maanden gepubliceerd, en thans wist hij wat hem stond te doen. Particulieren zouden filters moeten instellen om te vermijden dat zij per ongeluk worden geconfronteerd worden met kinderporno, er komt een onafhankelijke stichting die de lijst gaat beheren en controleren, en de politie houdt zich er voortaan buiten. Waarna hij juichend riep: ‘…en die zullen de zo vrijgekomen tijd besteden aan de opsporing van kinderporno!’

Nu is dat laatste een mooi ding, maar dat Hirsch Ballin de politie van een oneigenlijke, ja zelfs onwettelijke taak ontslaat en de KLPD weer haar echte werk laat doen , hadji beter met deemoed dan met vreugdegejoel mogen aankondigen. Intussen zit ik met die in allerlei toonaarden herhaalde opmerking uit het rapport: ‘We kunnen vast wel een acceptabele versie van het kinderpornofilter regelen. Alleen wil niemand weten of dat ook maar een spat helpt.’

Links:

Citaten uit het WODC-rapport:

  • Of er onschuldige internetters zijn die op webpagina’s (daarop zijn de filters gericht) ongewild in aanraking komen met kinderpornografisch materiaal is overigens een goed bewaard geheim.
  • Concrete, meetbare doelstellingen om kinderpornografie op internet te filteren en te blokkeren ontbreken veelal. Veel genoemde doelstellingen zijn: het tegengaan van seksueel misbruik van kinderen, het onaantrekkelijk maken van het commercieel aanbieden van kinderporno en het beschermen van argeloze gebruikers tegen kinderporno op internet. Er zijn geen studies gedaan naar de maatschappelijke effectiviteit van filteren en blokkeren van kinderpornografisch materiaal op internet. Wie onder welke omstandigheden op het filter stuiten en wat dat tot gevolg heeft, is onbekend. De grond voor toepassing van filteren en blokkeren van kinderpornografisch materiaal wordt dan ook voornamelijk gevonden in de verwachting dat de maatregel effectief is.
  • Ook de huidige regering wil een daad stellen in de bestrijding van kinderporno en daarmee gehoor geven aan de morele verontwaardiging in de samenleving. Aangezien er, zoals gezegd, geen onderzoek beschikbaar is naar de effectiviteit van filteren en blokkeren, is de huidige inzet van filters door of namens de Nederlandse overheid niet gebaseerd op onderbouwde kennis omtrent de effectiviteit van deze maatregel.
  • Uit dit onderzoek blijkt dat de inhoud en de wijze van samenstelling van de blacklist van het KLPD op basis waarvan ISP’s kinderpornosites blokkeren een aantal onvolkomenheden bevat. De lijst heeft betrekking op circa 100 websites, terwijl de totale omvang van kinderpornosites die vallen binnen de reikwijdte van art. 240b Sr hier vermoedelijk een veelvoud van is. Bovendien bevat de lijst websites die (inmiddels) niet meer bestaan of die (inmiddels) geen kinderporno meer bevatten. Ook komen sites op de lijst voor die in Nederland worden gehost en wordt een belangrijk deel van de vermelde sites gehost in landen waarmee Nederland een rechtshulpverdrag heeft (vooral de VS). Voor het beheer van de lijst zijn door het KLPD geen procedures vastgelegd en zijn geen toetsbare criteria geformuleerd op basis waarvan tot toevoeging aan de lijst wordt besloten. Het onderhoud van de lijst is onvoldoende frequent.
  • Het KLPD gaat met private partijen convenanten aan ter uitvoering van een veronderstelde publiekrechtelijke taak, namelijk de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde. Aangezien het filteren en blokkeren van internetverkeer een inbreuk maakt op het grondrecht van vertrouwelijke informatie [..] behoeft een dergelijke maatregel een formeelwettelijke grondslag. Zo de wet al in een dergelijke bevoegdheid zou voorzien [..] komt deze niet toe aan de politie en aan het KLPD als onderdeel daarvan. [..] Deze convenanten vormen daarom een onaanvaardbare doorkruising van publiekrechtelijke bevoegdheden en daarmee van publiekrechtelijke waarborgen. Deze convenanten zijn daarom in de Nederlandse rechtsleer niet rechtsgeldig. Vanuit het oogpunt van rechtstatelijkheid is het niet aanvaardbaar dat de overheid zich bedient van instrumenten zonder deugdelijke juridische grondslag ter bereiking van een overigens legitiem doel.

Aantal reacties: 7

  1. Thomas J. Boschloo ≡ 16 Sep 2008 ≡ 19:12

    Mooi is dat. Heb ik mij voor niets over dat domeinnaam filter druk gemaakt!

    Weet iemand of dat filter wat er komt verplicht is? En of het alleen onder Windows XP/Vista werkt? Of krijgen we allemaal een custom firmware voor ons ADSL modem zoals bij XS4All?

    En wat als de AIVD een achterdeur in wil bouwen? Is het filter dan nog steeds verplicht?! Wat als je dingen verborgen wilt houden voor de AIVD maar geen kp??

  2. juzo ≡ 16 Sep 2008 ≡ 22:18

    Kidde Ponne en het Grondrecht van de Vrijheid van Meningsuiting:

    http://www.juzo777.nl/special/kdpn1.txt

    ‘°_°/’

    Onbevoegdheid KLPD.

  3. Alice ≡ 18 Sep 2008 ≡ 13:43

    Internet en de overheid, ICT en de overheid… Het zijn rare combinaties die zich vooral uitten door onkunde, gebrek aan basiskennis bij beleidsmakers tot op ministerieel niveau. Het zijn begrippen die zich manifesteren in de samenleving in de vorm van gefaalde projecten, verspilling van belastinggeld en irritatie.

    Wetgeven is moeilijk en automatiseren ook. Op beide gebieden mag getwijfeld worden aan de kundigheid. Daar zullen we mee moeten leven maar het niet accepteren. Ageren blijft belangrijk. Aan de kaak stellen in voorkomende gevallen ook. De politiek en het landsbestuur moeten zo langzamerhand naar een collectieve bijscholing op het gebied van (inmiddels niet meer zo) nieuwe technologie. Het is onverkoopbaar dat ministers essentiële kennis ontbreekt om hun werk te kunnen doen in een samenleving waarin ICT de motorolie en geld de benzine zijn.

  4. Spaink ≡ 21 Sep 2008 ≡ 21:41

    VC: ja, zoiets. Het allerergste vind ik daarbij dat we laten voorkomen alsof kindermisbruik iets van doen heeft met internet, terwijl de tragische praktijk leert dat het meeste misbruik van kinderen plaatsvindt in huiselijke kring – door vader, broer, oom, buurman (en een heel enkele moeder). Zie daarvoor ook http://www.spaink.net/2004/09/11/pedofielen-doorgaans-in-familiekring-te-vinden/

  5. VC ≡ 21 Sep 2008 ≡ 20:52

    Beste Karin, U bent razend, terecht, en razend goed geïnformeerd. Chapeau! De discussie over die providers heeft al heel wat tijd opgesouppeeerd, en net nu het er dan toch van lijkt te gaan komen blijkt dat het dataverkeer met die plaatjes en filmps via andere, waziger kanalen plaatsvindt.

    Waarom dan dat geëmmer over die providers: puur en alleen om te doen alsof er nog enige contorle uit te oefenen valt waaarschijnlijk. Het kalf, genaamd klein misbruikt kind, dat is alllang verzopen natuurlijk. Triest maar waar, of niet?

  6. Mieke ≡ 05 Nov 2008 ≡ 21:51

    Hallo mevrouw Spaink, ik heb een vraag aan u en weet niet goed waar ik die moet plaatsen, hopelijk is dit een goede manier.
    Wat vind u van het elektronisch patientendossier? We kunnen nu bezwaar maken. Wel doen, niet doen? Zijn de gevaren (alles ligt op straat) groter dan de voordelen (ook als je buiten westen bent weten ze hoe ze je moeten behandelen bij opname)?
    Ik ben heel benieuwd hoe u hier over denkt! Alvast dank, m.

  7. Spaink ≡ 05 Nov 2008 ≡ 21:55

    Mieke, mijn column van volgende week gaat over het patiëntendossier. Dus als je nog even geduld hebt…

Schrijf een reactie

E-mail adressen worden niet getoond noch aan derden doorgegeven.
Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *